Gerelateerd aan 2 Kronieken 6:13
Gerelateerd aan 2 Kronieken 6:13
Nehemia 8:4
Ezra, de schrijver, stond op een houten verhoging die voor deze gelegenheid was vervaardigd. Naast hem, aan zijn rechterhand, stonden Mattitja, Sema, Anaja, Uria, Chilkia en Maäseja, en aan zijn linkerhand Pedaja, Misaël, Malkia, Chasum, Chasbaddana, Zecharja en Mesullam.
Gerelateerd aan 2 Kronieken 6:13
1 Koningen 8:54
Tijdens dit hele smeekgebed lag Salomo geknield voor het altaar van de HEER, met zijn handen ten hemel geheven. Toen hij zijn gebed tot de HEER beëindigd had,
Gerelateerd aan 2 Kronieken 6:13
Psalmen 95:6
Ga binnen, laten wij buigen in aanbidding, knielen voor de HEER, onze maker.
Gerelateerd aan 2 Kronieken 6:13
Handelingen 21:5
Maar toen ons oponthoud ten einde liep, vertrokken we weer, uitgeleide gedaan door alle leerlingen met hun vrouwen en kinderen. We gingen de stad uit en knielden samen neer op het strand om te bidden.
Gerelateerd aan 2 Kronieken 6:13
1 Koningen 7:12
De grote hof was ommuurd met drie lagen gehouwen steen met daar bovenop een laag cederhouten balken. Datzelfde gold voor de binnenhof van de tempel van de HEER en voor de voorhal.
Gerelateerd aan 2 Kronieken 6:13
Handelingen 20:36
Toen hij uitgesproken was, knielde hij samen met de aanwezigen neer om te bidden.
Gerelateerd aan 2 Kronieken 6:13
1 Koningen 6:36
De ommuring van de binnenhof liet hij optrekken uit drie lagen op maat gehouwen steen, met daar bovenop een laag cederhouten balken.
Gerelateerd aan 2 Kronieken 6:13
2 Kronieken 4:9
Hij liet een binnenplaats voor de priesters aanleggen en een grote voorhof met toegangspoorten. De deuren daarvan liet hij met koper beslaan.
Gerelateerd aan 2 Kronieken 6:13
Ezra 9:5
Toen stond ik op, beëindigde mijn boetedoening, en met gescheurde kleren en mantel viel ik op mijn knieën en spreidde mijn handen uit naar de HEER, mijn God.
Gerelateerd aan 2 Kronieken 6:13
Daniel 6:10
(6:11) Toen Daniël hoorde van het besluit dat op schrift gesteld was, ging hij naar zijn huis. In zijn bovenvertrek had hij in de richting van Jeruzalem open vensters. Daar knielde hij neer, bad tot zijn God en prees hem, precies zoals driemaal per dag zijn gewoonte was.
Gerelateerd aan 2 Kronieken 6:13
Lukas 22:41
En hij liep bij hen weg, tot ongeveer een steenworp ver, en knielde daarna neer om te bidden. Hij bad: