Gerelateerd aan Johannes 2:3-4

Gerelateerd aan Johannes 2:3

Mattheüs 26:28

dit is mijn bloed, het bloed van het verbond, dat voor velen wordt vergoten tot vergeving van zonden.
Gerelateerd aan Johannes 2:3

Filippensen 4:6

Wees over niets bezorgd, maar vraag God wat u nodig hebt en dank hem in al uw gebeden.
Gerelateerd aan Johannes 2:3

Psalmen 104:15

en wijn die het mensenhart verheugt, geurige olie die het gelaat doet stralen, ja, brood dat het mensenhart versterkt.
Gerelateerd aan Johannes 2:3

Johannes 11:3

De zusters stuurden iemand naar Jezus met de boodschap: ‘Heer, uw vriend is ziek.’
Gerelateerd aan Johannes 2:3

Prediker 10:19

Dronkelappen denken bij hun feestmaal slechts aan hun plezier, de wijn vrolijkt alleen hun eigen leven op. Hun geld staat het ze toe.
Gerelateerd aan Johannes 2:3

Jesaja 24:11

Op straat wordt luid gejammerd om de wijnoogst. Alle blijdschap is gesmoord, de vreugde van de aardbodem verdwenen.
Gerelateerd aan Johannes 2:4

Johannes 8:20

Dit zei hij in de schatkamer van de tempel, waar hij onderricht gaf. Niemand greep hem, want zijn tijd was nog niet gekomen.
Gerelateerd aan Johannes 2:4

Johannes 7:6

Maar Jezus zei: ‘Mijn tijd is nog niet gekomen, voor jullie is elke tijd goed.
Gerelateerd aan Johannes 2:4

Johannes 13:1

Het was kort voor het pesachfeest. Jezus wist dat zijn tijd gekomen was en dat hij uit de wereld terug zou keren naar de Vader. Hij had de mensen die hem in de wereld toebehoorden lief, en zijn liefde voor hen zou tot het uiterste gaan.
Gerelateerd aan Johannes 2:4

Johannes 12:23

Jezus zei: ‘De tijd is gekomen dat de Mensenzoon tot majesteit wordt verheven.
Gerelateerd aan Johannes 2:4

Johannes 7:30

Toen wilden ze hem grijpen, maar niemand deed hem iets, omdat zijn tijd nog niet gekomen was.
Gerelateerd aan Johannes 2:4

Prediker 3:1

Voor alles wat gebeurt is er een uur, een tijd voor alles wat er is onder de hemel.
Gerelateerd aan Johannes 2:4

Johannes 19:26

Toen Jezus zijn moeder zag staan, en bij haar de leerling van wie hij veel hield, zei hij tegen zijn moeder: ‘Dat is uw zoon,‘
Gerelateerd aan Johannes 2:4

Mattheüs 15:28

Toen antwoordde Jezus haar: ‘U hebt een groot geloof! Wat u verlangt, zal ook gebeuren.’ En vanaf dat moment was haar dochter genezen.
Gerelateerd aan Johannes 2:4

Johannes 20:15

‘Waarom huil je?’ vroeg Jezus. ‘Wie zoek je?’ Maria dacht dat het de tuinman was en zei: ‘Als u hem hebt weggehaald, vertel me dan waar u hem hebt neergelegd, dan kan ik hem meenemen.’
Gerelateerd aan Johannes 2:4

Lukas 2:49

Maar hij zei tegen hen: ‘Waarom hebt u naar me gezocht? Wist u niet dat ik in het huis van mijn Vader moest zijn?’
Gerelateerd aan Johannes 2:4

Mattheüs 8:29

Ze begonnen te schreeuwen en te roepen: ‘Wat hebben wij met jou te maken, Zoon van God? Ben je hier gekomen om ons pijn te doen nog voordat de tijd daarvoor is aangebroken?’
Gerelateerd aan Johannes 2:4

Johannes 20:13

‘Waarom huil je?’ vroegen ze haar. Ze zei: ‘Ze hebben mijn Heer weggehaald en ik weet niet waar ze hem naartoe gebracht hebben.’
Gerelateerd aan Johannes 2:4

Deuteronomium 33:9

Hij had geen mededogen met zijn vader en moeder, zijn eigen broers ontzag hij niet, zijn kinderen waren als vreemden voor hem. Want de Levieten hielden zich aan wat u gebood, het verbond dat u sloot bleven ze trouw.
Gerelateerd aan Johannes 2:4

2 Samuel 19:22

(19:23) Maar David antwoordde: 'Wat heb ik met jullie te maken, zonen van Seruja? Juist vandaag moeten jullie me niet tegenwerken. Vandaag wordt in Israël niemand ter dood gebracht, want vandaag weet ik dat mijn koningschap over Israël is hersteld.'
1
2
Volgende