Gerelateerd aan Johannes 1:38
Gerelateerd aan Johannes 1:38
Johannes 1:49
‘Rabbi, u bent de Zoon van God, u bent de koning van Israël!’ zei Natanaël.
Gerelateerd aan Johannes 1:38
Johannes 3:2
Hij kwam in de nacht naar Jezus toe. ‘Rabbi, ‘zei hij, ‘wij weten dat u een leraar bent die van God gekomen is, want alleen met Gods hulp kan iemand de wondertekenen doen die u verricht.’
Gerelateerd aan Johannes 1:38
Johannes 6:25
Ze vonden hem aan de overkant van het meer en vroegen: ‘Rabbi, wanneer bent u hier gekomen?’
Gerelateerd aan Johannes 1:38
Johannes 18:4
Jezus wist precies wat er met hem zou gebeuren. Hij liep naar hen toe en vroeg: ‘Wie zoeken jullie?’
Gerelateerd aan Johannes 1:38
Johannes 18:7
Weer vroeg Jezus: ‘Wie zoeken jullie?’ en weer zeiden ze: ‘Jezus uit Nazaret.’
Gerelateerd aan Johannes 1:38
Lukas 10:39
Haar zuster, Maria, ging aan de voeten van de Heer zitten en luisterde naar zijn woorden.
Gerelateerd aan Johannes 1:38
Mattheüs 23:7
en hechten eraan op het marktplein eerbiedig te worden begroet en door de mensen rabbi te worden genoemd.
Gerelateerd aan Johannes 1:38
Johannes 12:21
Zij gingen naar Filippus uit Betsaïda in Galilea, en vroegen hem of ze Jezus konden ontmoeten.
Gerelateerd aan Johannes 1:38
Psalmen 27:4
Ik vraag aan de HEER één ding, het enige wat ik verlang: wonen in het huis van de HEER alle dagen van mijn leven, om de liefde van de HEER te aanschouwen, hem te ontmoeten in zijn tempel.
Gerelateerd aan Johannes 1:38
Johannes 20:15
‘Waarom huil je?’ vroeg Jezus. ‘Wie zoek je?’ Maria dacht dat het de tuinman was en zei: ‘Als u hem hebt weggehaald, vertel me dan waar u hem hebt neergelegd, dan kan ik hem meenemen.’
Gerelateerd aan Johannes 1:38
Johannes 3:26
Ze gingen naar Johannes en zeiden tegen hem: ‘Rabbi, de man die bij u aan de overkant van de Jordaan was, over wie u een getuigenis afgelegd hebt, is aan het dopen en iedereen gaat naar hem toe!’
Gerelateerd aan Johannes 1:38
Ruth 1:16
Maar Ruth antwoordde: 'Vraag me toch niet langer u te verlaten en terug te gaan, weg van u. Waar u gaat, zal ik gaan, waar u slaapt, zal ik slapen; uw volk is mijn volk en uw God is mijn God.
Gerelateerd aan Johannes 1:38
Lukas 19:5
Toen Jezus daar langskwam, keek hij naar boven en zei: ‘Zacheüs, kom vlug naar beneden, want vandaag moet ik in jouw huis verblijven.’
Gerelateerd aan Johannes 1:38
Spreuken 13:20
Wie met wijzen omgaat, wordt zelf wijs, wie met dwazen verkeert, is er ellendig aan toe.
Gerelateerd aan Johannes 1:38
Handelingen 10:21
Petrus ging naar beneden en zei tegen de mannen: ‘Ik ben degene die u zoekt. Wat is de reden van uw komst?’
Gerelateerd aan Johannes 1:38
Lukas 7:24
Toen de afgezanten van Johannes vertrokken waren, zei hij tegen de menigte over Johannes het volgende: ‘Waar zijn jullie in de woestijn naar gaan kijken? Naar het wuiven van het riet in de wind?
Gerelateerd aan Johannes 1:38
Spreuken 8:34
Gelukkig is elk mens die naar mij luistert, dag in dag uit bij mijn woning staat, de wacht houdt bij mijn deur.
Gerelateerd aan Johannes 1:38
Lukas 18:40
Jezus bleef staan en zei dat men de blinde bij hem moest brengen. Toen deze voor hem stond, vroeg hij hem:
Gerelateerd aan Johannes 1:38
Spreuken 3:18
Ze is een levensboom voor wie haar omhelst, wie haar omarmt mag zich gelukkig prijzen.
Gerelateerd aan Johannes 1:38
Lukas 22:61
De Heer draaide zich om en keek Petrus aan, en toen herinnerde Petrus zich de woorden van de Heer: ‘Nog voor er vannacht een haan heeft gekraaid zul je mij driemaal verloochenen.’
1
2