Gerelateerd aan 2 Kronieken 32:33
Gerelateerd aan 2 Kronieken 32:33
Spreuken 10:7
De herinnering aan een rechtvaardige strekt tot zegen, de naam van goddelozen vergaat.
Gerelateerd aan 2 Kronieken 32:33
1 Koningen 1:21
Anders zullen mijn zoon Salomo en ik na uw dood van hoogverraad beschuldigd worden.'
Gerelateerd aan 2 Kronieken 32:33
Numeri 20:29
Toen de Israëlieten vernamen dat Aäron was gestorven, beweende heel de gemeenschap hem dertig dagen lang.
Gerelateerd aan 2 Kronieken 32:33
1 Koningen 2:10
David stierf en werd begraven in de Davidsburcht.
Gerelateerd aan 2 Kronieken 32:33
2 Kronieken 33:1
Manasse was twaalf jaar oud toen hij koning werd. Vijfenvijftig jaar regeerde hij in Jeruzalem.
Gerelateerd aan 2 Kronieken 32:33
2 Kronieken 16:14
Hij werd begraven in het graf dat hij in de Davidsburcht voor zichzelf had laten uithouwen. Ze legden hem op een rustbed dat hij had laten vullen met reukwerk, een vakkundig samengesteld mengsel van verschillende kruiden, en ontstaken een groot vuur voor hem.
Gerelateerd aan 2 Kronieken 32:33
1 Samuel 2:30
Welnu-spreekt de HEER, de God van Israël-, ooit heb ik plechtig verklaard dat jouw familie mij van vader op zoon ter zijde zou staan. Maar nu-spreekt de HEER -kom ik daarvan terug. Wie mij hoogachten acht ik hoog, maar verachtelijk zijn zij die mij geringschatten!
Gerelateerd aan 2 Kronieken 32:33
1 Koningen 11:43
tot hij bij zijn voorouders te ruste ging. Hij werd begraven in de Davidsburcht, en zijn zoon Rechabeam volgde hem op.
Gerelateerd aan 2 Kronieken 32:33
Genesis 50:10
Bij Goren-Haätad aangekomen, ten oosten van de Jordaan, hieven ze een lange, aangrijpende rouwklacht aan. Zeven dagen lang liet Jozef om zijn vader treuren.
Gerelateerd aan 2 Kronieken 32:33
1 Samuel 25:1
Omstreeks die tijd kwam Samuël te overlijden. Heel Israël kwam bijeen om over hem te rouwen. Hij werd begraven bij zijn huis in Rama. David trok verder, naar de woestijn van Paran.
Gerelateerd aan 2 Kronieken 32:33
Deuteronomium 34:8
De Israëlieten, die in de vlakte van Moab bijeen waren, treurden om Mozes’ dood tot de dertig dagen van rouw voorbij waren.