Gerelateerd aan Mattheüs 26:18

Gerelateerd aan Mattheüs 26:18

Johannes 7:6

Maar Jezus zei: ‘Mijn tijd is nog niet gekomen, voor jullie is elke tijd goed.
Gerelateerd aan Mattheüs 26:18

Johannes 13:1

Het was kort voor het pesachfeest. Jezus wist dat zijn tijd gekomen was en dat hij uit de wereld terug zou keren naar de Vader. Hij had de mensen die hem in de wereld toebehoorden lief, en zijn liefde voor hen zou tot het uiterste gaan.
Gerelateerd aan Mattheüs 26:18

Johannes 17:1

Zo sprak hij. Daarna sloeg Jezus zijn ogen op naar de hemel en zei: ‘Vader, nu is de tijd gekomen, toon nu de grootheid van uw Zoon, dan zal de Zoon uw grootheid tonen.
Gerelateerd aan Mattheüs 26:18

Markus 14:13

Hij stuurde twee van zijn leerlingen op pad en zei tegen hen: ‘Ga naar de stad. Daar zal een man die een kruik water draagt jullie tegemoet komen; volg hem,
Gerelateerd aan Mattheüs 26:18

Johannes 7:30

Toen wilden ze hem grijpen, maar niemand deed hem iets, omdat zijn tijd nog niet gekomen was.
Gerelateerd aan Mattheüs 26:18

Johannes 7:8

Gaan jullie maar naar het feest; ik ga niet, omdat de tijd voor mij nog niet rijp is.’
Gerelateerd aan Mattheüs 26:18

Johannes 12:23

Jezus zei: ‘De tijd is gekomen dat de Mensenzoon tot majesteit wordt verheven.
Gerelateerd aan Mattheüs 26:18

Lukas 22:53

Dagelijks was ik bij u in de tempel, en toen hebt u geen vinger naar me uitgestoken, maar dit is uw uur, het uur van de macht van de duisternis.’
Gerelateerd aan Mattheüs 26:18

Mattheüs 26:2

‘Over twee dagen is het, zoals jullie weten, Pesach. Dan wordt de Mensenzoon uitgeleverd om gekruisigd te worden.’
Gerelateerd aan Mattheüs 26:18

Johannes 11:28

Na deze woorden ging ze terug, ze nam haar zuster Maria apart en zei: ‘De meester is er, en hij vraagt naar je.’
Gerelateerd aan Mattheüs 26:18

Mattheüs 23:10

Laat je ook niet leraar noemen, want jullie hebben maar één leraar, de messias.
Gerelateerd aan Mattheüs 26:18

Mattheüs 21:3

En als iemand jullie iets vraagt, antwoord dan: “De Heer heeft ze nodig.” Dan zal men ze meteen meegeven.’
Gerelateerd aan Mattheüs 26:18

Mattheüs 23:8

Jullie moeten je niet rabbi laten noemen, want jullie hebben maar één meester, en jullie zijn elkaars broeders en zusters.
Gerelateerd aan Mattheüs 26:18

Markus 5:35

Nog voor hij uitgesproken was, kwamen enkele mensen tegen de leider van de synagoge zeggen: ‘Uw dochter is gestorven, waarom valt u de meester nog lastig?’
Gerelateerd aan Mattheüs 26:18

Lukas 22:10

Hij antwoordde: ‘Let op, wanneer jullie de stad in gegaan zijn, zal jullie een man tegemoet komen die een kruik water draagt. Volg hem naar het huis waar hij binnengaat,
Gerelateerd aan Mattheüs 26:18

Mattheüs 26:49

Hij liep recht op Jezus af, zei: ‘Gegroet, rabbi!’ en kuste hem.
Gerelateerd aan Mattheüs 26:18

Johannes 20:16

Jezus zei tegen haar: ‘Maria!’ Ze draaide zich om en zei: ‘Rabboeni!‘ (Dat betekent ‘meester’.)