Gerelateerd aan Leviticus 26:3, 7, 14-15
Gerelateerd aan Leviticus 26:3
Deuteronomium 11:13
Als u de geboden gehoorzaamt die ik u vandaag voorhoud, en de HEER, uw God, liefhebt en hem met hart en ziel dient,
Gerelateerd aan Leviticus 26:3
Jesaja 1:19
Als je weer naar mij wilt luisteren, zal het beste van het land je ten deel vallen.
Gerelateerd aan Leviticus 26:3
Deuteronomium 28:1
Mozes sprak: ‘Als u de HEER, uw God, gehoorzaam bent en al zijn geboden, zoals ik ze u vandaag heb voorgehouden, zorgvuldig naleeft, zal hij u hoog boven alle andere volken op aarde verheffen.
Gerelateerd aan Leviticus 26:3
Leviticus 18:4
maar volgens mijn regels, houd je aan mijn bepalingen en leef ze na. Ik ben de HEER, jullie God.
Gerelateerd aan Leviticus 26:3
Jozua 23:14
Luister. Nu ik de weg moet gaan die ieder mens wacht, moet u goed beseffen dat de HEER, uw God, geen van de beloften heeft gebroken die hij u heeft gedaan. Hij heeft ze alle gestand gedaan, hij heeft er niet één gebroken.
Gerelateerd aan Leviticus 26:3
Psalmen 81:12
(81:13) Toen liet ik hen begaan, koppig volgden zij hun eigen inzicht.
Gerelateerd aan Leviticus 26:3
Deuteronomium 7:12
Wanneer u zich gehoorzaam houdt aan deze voorschriften zal de HEER, uw God, zich van zijn kant houden aan wat hij uw voorouders in zijn goedheid heeft beloofd.
Gerelateerd aan Leviticus 26:3
Richteren 2:1
Er kwam een engel van de HEER uit Gilgal naar Bochim. Daar zei hij: 'Ik heb jullie uit Egypte geleid naar het land dat ik jullie voorouders onder ede had beloofd. Ik heb gezegd dat ik mijn verbond met jullie nooit zou verbreken.
Gerelateerd aan Leviticus 26:3
Mattheüs 7:24
Wie deze woorden van mij hoort en ernaar handelt, kan vergeleken worden met een verstandig man, die zijn huis bouwde op een rots.
Gerelateerd aan Leviticus 26:3
Openbaring 22:14
Gelukkig zijn zij die hun kleren wassen: zij kunnen over de levensboom beschikken en zullen de stad door de poorten binnengaan.
Gerelateerd aan Leviticus 26:3
Romeinen 2:7
Aan wie het goede doet en daarin volhardt, aan wie glorie, eer en onsterfelijkheid zoekt, schenkt hij het eeuwige leven.
Gerelateerd aan Leviticus 26:3
Jesaja 48:18
Luisterde je maar naar mijn geboden, dan zou jouw vrede zijn als een rivier, en je gerechtigheid als de golven van de zee.
Gerelateerd aan Leviticus 26:14
Deuteronomium 28:15
Maar als u de HEER, uw God, niet gehoorzaamt en zijn geboden en wetten, zoals ik ze u vandaag heb voorgehouden, niet nauwkeurig naleeft, zullen deze vervloekingen u treffen:
Gerelateerd aan Leviticus 26:14
Klaagliederen 2:17
De HEER heeft gedaan wat hij bepaald had, hij bracht ten uitvoer wat hij lang geleden had besloten: vernietiging zonder mededogen. Hij liet je vijand triomferen, je tegenstanders gaf hij de macht.
Gerelateerd aan Leviticus 26:14
Maleachi 2:2
Als jullie niet luisteren, en als jullie niet ter harte nemen dat je mijn naam in ere moet houden-zegt de HEER van de hemelse machten-, dan zal ik jullie met mijn vloek treffen en vervloek ik alles waarmee jullie gezegend zijn; ik zal jullie zéker vervloeken, want jullie nemen het toch niet ter harte.
Gerelateerd aan Leviticus 26:14
Hebreeën 12:25
Let op dat u hem die spreekt niet afwijst. Want als zij al niet ontkomen zijn toen ze degene afwezen die hen op aarde onderrichtte, dan kunnen wij, wanneer we ons afkeren van degene die dat vanuit de hemel doet, helemaal niet ontkomen.
Gerelateerd aan Leviticus 26:14
Leviticus 26:18
Als jullie mij dan nog niet willen gehoorzamen, zal ik de straf voor jullie zonden zevenmaal zo zwaar maken:
Gerelateerd aan Leviticus 26:14
Klaagliederen 1:18
De HEER staat in zijn recht: ik trotseerde zijn bevel. Luister toch, volken, en zie hoe ik lijd: mijn meisjes en mijn jongemannen zijn gevangen weggevoerd.
Gerelateerd aan Leviticus 26:14
Handelingen 3:23
Wie niet naar deze profeet luistert, zal uit het volk gestoten worden.”
Gerelateerd aan Leviticus 26:14
Jeremia 17:27
Maar als jullie geen gehoor geven aan mijn gebod om de sabbat als heilige dag te vieren, als jullie op die dag goederen door de poorten van Jeruzalem naar binnen blijven brengen, zal ik de poorten in vlammen doen opgaan, en zal vuur de burchten van Jeruzalem verteren-en niemand die het zal blussen.’
1
2
3