Gerelateerd aan Leviticus 25:20
Gerelateerd aan Leviticus 25:20
Leviticus 25:4
Maar het zevende jaar moeten jullie het land laten rusten. Het is een sabbatsjaar dat aan de HEER gewijd is. Je mag dan je land niet inzaaien, je wijngaarden niet snoeien,
Gerelateerd aan Leviticus 25:20
Lukas 12:29
Ook jullie moeten niet nadenken over wat je zult eten en wat je zult drinken, en jullie moeten je niet door zorgen laten kwellen.
Gerelateerd aan Leviticus 25:20
Numeri 11:4
Het samenraapsel van vreemdelingen dat met hen meetrok, was onverzadigbaar, en ook de Israëlieten begonnen weer te klagen. 'Hadden we maar vlees te eten!' zeiden ze.
Gerelateerd aan Leviticus 25:20
2 Kronieken 25:9
'Maar die honderd talent dan, die ik aan het leger van Israël heb betaald?' vroeg Amasja. 'Het ligt in de macht van de HEER om u meer dan schadeloos te stellen, 'antwoordde de godsman.
Gerelateerd aan Leviticus 25:20
Jesaja 1:2
Hoor toe, hemel, geef gehoor, aarde, de HEER heeft gesproken: Ik heb mijn kinderen opgevoed en grootgebracht, maar ze zijn tegen mij in opstand gekomen.
Gerelateerd aan Leviticus 25:20
Mattheüs 6:25
Daarom zeg ik jullie: maak je geen zorgen over jezelf en over wat je zult eten of drinken, noch over je lichaam en over wat je zult aantrekken. Is het leven niet meer dan voedsel en het lichaam niet meer dan kleding?
Gerelateerd aan Leviticus 25:20
Hebreeën 13:5
Laat uw leven niet beheersen door geldzucht, neem genoegen met wat u hebt. Hij heeft immers zelf gezegd: ‘Nooit zal ik u afvallen, nooit zal ik u verlaten,’
Gerelateerd aan Leviticus 25:20
Filippensen 4:6
Wees over niets bezorgd, maar vraag God wat u nodig hebt en dank hem in al uw gebeden.
Gerelateerd aan Leviticus 25:20
Numeri 11:13
Ze komen bij mij klagen dat ze vlees willen. Maar waar haal ik voor dit hele volk vlees vandaan?
Gerelateerd aan Leviticus 25:20
Mattheüs 8:26
Hij zei tegen hen: ‘Waarom hebben jullie zo weinig moed, kleingelovigen?’ Toen stond hij op en sprak de wind en het water bestraffend toe, en het meer kwam geheel tot rust.
Gerelateerd aan Leviticus 25:20
2 Koningen 6:15
Toen de bediende van Elisa de volgende morgen opstond en naar buiten kwam, zag hij dat de stad omsingeld was door een leger met strijdwagens en paarden. 'Wat moeten we beginnen, heer?' riep hij uit.
Gerelateerd aan Leviticus 25:20
Psalmen 78:19
Zij beledigden God en zeiden: 'Zou God in staat zijn een tafel te dekken in de woestijn?
Gerelateerd aan Leviticus 25:20
2 Koningen 7:2
De adjudant die de koning begeleidde nam het woord en zei: 'Zelfs al zou de HEER de hemelsluizen openzetten, wat u daar zegt is toch onmogelijk!' Maar Elisa antwoordde: 'U zult het met eigen ogen zien, maar u zult niet de kans krijgen ervan te eten.'