Gerelateerd aan Johannes 11:3, 6
Gerelateerd aan Johannes 11:3
Johannes 11:5
Jezus hield veel van Marta en haar zuster, en van Lazarus.
Gerelateerd aan Johannes 11:3
Openbaring 3:19
Iedereen die ik liefheb wijs ik terecht en bestraf ik. Zet u dus volledig in en breek met het leven dat u nu leidt.
Gerelateerd aan Johannes 11:3
Johannes 13:23
Een van hen, de leerling van wie Jezus veel hield, lag naast hem aan tafel aan,
Gerelateerd aan Johannes 11:3
Johannes 11:11
Nadat hij dat gezegd had zei hij: ‘Onze vriend Lazarus is ingeslapen, ik ga hem wakker maken.’
Gerelateerd aan Johannes 11:3
Hebreeën 12:6
want de Heer berispt wie hij liefheeft, straft elke zoon van wie hij houdt.’
Gerelateerd aan Johannes 11:3
Johannes 11:36
en de Joden zeiden: ‘Wat heeft hij veel van hem gehouden!’
Gerelateerd aan Johannes 11:3
Genesis 22:2
‘Roep je zoon, je enige, van wie je zoveel houdt, Isaak, en ga met hem naar het gebied waarin de Moria ligt. Daar moet je hem offeren op een berg die ik je wijzen zal.’
Gerelateerd aan Johannes 11:3
Psalmen 16:3
Maar tot de goden in dit land, de machten die ik vereerd heb, zeg ik:
Gerelateerd aan Johannes 11:3
Filippensen 2:26
Maar hij verlangt ernaar u allen weer te zien en maakt zich grote zorgen, omdat u van zijn ziekte hebt gehoord.
Gerelateerd aan Johannes 11:3
Jakobus 5:14
Laat iemand die ziek is de oudsten van de gemeente bij zich roepen; laten ze voor hem bidden en hem met olie zalven in de naam van de Heer.
Gerelateerd aan Johannes 11:3
Johannes 11:1
Er was iemand ziek, een zekere Lazarus uit Betanië, het dorp waar Maria en haar zuster Marta woonden
Gerelateerd aan Johannes 11:3
2 Timotheüs 4:20
Erastus is in Korinte gebleven, Trofimus heb ik ziek in Milete achtergelaten.
Gerelateerd aan Johannes 11:6
Jesaja 30:18
En toch wacht de HEER op het ogenblik dat hij jullie genadig kan zijn; toch zal hij zich oprichten om zich over jullie te ontfermen. Want de HEER is een God van recht. Gelukkig de mens die op hem wacht.
Gerelateerd aan Johannes 11:6
Jesaja 55:8
Mijn plannen zijn niet jullie plannen, en jullie wegen zijn niet mijn wegen-spreekt de HEER.
Gerelateerd aan Johannes 11:6
Genesis 45:1
Toen kon Jozef zich niet langer goed houden tegenover allen die daar bij hem waren. ‘Laat iedereen weggaan!’ riep hij. Zo was er niemand bij toen Jozef zijn broers vertelde wie hij was.
Gerelateerd aan Johannes 11:6
Genesis 22:14
Abraham noemde die plaats ‘De HEER zal erin voorzien’. Vandaar dat men tot op de dag van vandaag zegt: ‘Op de berg van de HEER zal erin voorzien worden.’
Gerelateerd aan Johannes 11:6
Genesis 44:1
Jozef beval zijn hofmeester: ‘Vul de zakken van die mannen met voedsel, zoveel als ze maar mee kunnen nemen, en leg ieders geld boven in zijn zak.
Gerelateerd aan Johannes 11:6
Genesis 42:24
Jozef liep bij hen vandaan, omdat hij zijn tranen niet kon bedwingen. Toen hij terugkwam sprak hij nog kort met hen; toen koos hij Simeon uit en liet die voor hun ogen in de boeien slaan.
Gerelateerd aan Johannes 11:6
Genesis 43:29
Toen zag hij zijn broer Benjamin staan, de zoon van zijn eigen moeder, en vroeg: ‘Is dat jullie jongste broer, over wie jullie me hebben verteld?’ En hij vervolgde: ‘God zij je genadig, mijn zoon.’
Gerelateerd aan Johannes 11:6
Mattheüs 15:22
Plotseling klonk de roep van een Kanaänitische vrouw die uit die streek afkomstig was: ‘Heb medelijden met mij, Heer, Zoon van David! Mijn dochter wordt vreselijk gekweld door een demon.’