Gerelateerd aan Jesaja 3:9

Gerelateerd aan Jesaja 3:9

Genesis 13:13

de mensen daar waren slecht, ze zondigden zwaar tegen de HEER.
Gerelateerd aan Jesaja 3:9

Romeinen 6:23

Het loon van de zonde is de dood, maar het geschenk van God is het eeuwige leven in Christus Jezus, onze Heer.
Gerelateerd aan Jesaja 3:9

Ezechiel 23:16

toen werd haar verlangen naar hen zo groot dat ze boden naar Chaldea zond.
Gerelateerd aan Jesaja 3:9

Psalmen 10:4

Hij denkt in zijn waan: Niemand vraagt mij rekenschap. Er is geen God, maakt hij zich wijs.
Gerelateerd aan Jesaja 3:9

Jeremia 6:15

Schamen zij zich voor hun wandaden? Integendeel, zij weten niet wat schaamte is. Daarom komen ze ten val, als ik ze straf, storten ze allen dood neer- zegt de HEER.
Gerelateerd aan Jesaja 3:9

Klaagliederen 5:16

De kroon is van ons hoofd gevallen. Wee ons, wij hebben gezondigd!
Gerelateerd aan Jesaja 3:9

Jeremia 44:16

‘Wij schenken geen gehoor aan wat u in de naam van de HEER tegen ons gezegd hebt.
Gerelateerd aan Jesaja 3:9

Jesaja 3:16

De HEER zegt: Kijk eens hoe hooghartig die vrouwen van Sion zijn; zie hen verwaand flaneren en verleidelijke blikken om zich heen werpen, hoor het rinkelen bij de trippelpasjes die ze maken.
Gerelateerd aan Jesaja 3:9

1 Samuel 15:32

Daarna zei Samuël: 'Laat koning Agag van Amalek hier komen.' Agag kwam naar hem toe, nog steeds geboeid. 'De bittere dreiging van de dood is zeker wel geweken?' vroeg hij.
Gerelateerd aan Jesaja 3:9

Genesis 19:5

‘Waar zijn die mannen die bij je overnachten?’ riepen ze Lot toe. ‘Breng ze naar buiten, we willen ze nemen!’
Gerelateerd aan Jesaja 3:9

2 Koningen 9:30

Toen Izebel hoorde dat Jehu onderweg was naar Jizreël, zette ze haar ogen aan, maakte haar kapsel op en ging bij haar venster op de uitkijk staan.
Gerelateerd aan Jesaja 3:9

Psalmen 73:6

Daarom is hoogmoed hun halssieraad en bedekt geweld hen als een mantel,
Gerelateerd aan Jesaja 3:9

Genesis 18:20

Daarom zei de HEER: ‘Er zijn ernstige beschuldigingen geuit tegen Sodom en Gomorra, hun zonden zijn ongehoord groot.
Gerelateerd aan Jesaja 3:9

Spreuken 8:36

Wie aan mij voorbijgaat, doet zichzelf veel kwaad, wie mij haat, bemint de dood.
Gerelateerd aan Jesaja 3:9

Jeremia 3:3

Daarom bleven de regens uit, is de lenteregen niet gekomen. Toch hield je de brutale blik van een hoer, je toonde geen enkele schaamte.
Gerelateerd aan Jesaja 3:9

Spreuken 30:13

Er zijn mensen met een hooghartige blik, met van die misprijzende ogen.
Gerelateerd aan Jesaja 3:9

Daniel 7:20

en de betekenis van de tien horens op zijn kop en van de nieuwe horen die opkwam, waarvoor er drie moesten wijken-de horen met ogen en een mond vol grootspraak die er groter uitzag dan de andere.
Gerelateerd aan Jesaja 3:9

Hosea 13:9

Het wordt je noodlottig, Israël, dat je op mij aangewezen bent!