Gerelateerd aan Genesis 5:4
Gerelateerd aan Genesis 5:4
Lukas 3:36
de zoon van Kenan, de zoon van Arpachsad, de zoon van Sem, de zoon van Noach, de zoon van Lamech,
Gerelateerd aan Genesis 5:4
1 Kronieken 1:1
Adam, Set, Enos,
Gerelateerd aan Genesis 5:4
Genesis 5:22
Na de geboorte van Metuselach leefde Henoch nog 300 jaar, in nauwe verbondenheid met God. Hij verwekte zonen en dochters.
Gerelateerd aan Genesis 5:4
Genesis 5:30
Na de geboorte van Noach leefde Lamech nog 595 jaar. Hij verwekte zonen en dochters.
Gerelateerd aan Genesis 5:4
Genesis 5:26
Na de geboorte van Lamech leefde Metuselach nog 782 jaar. Hij verwekte zonen en dochters.
Gerelateerd aan Genesis 5:4
Genesis 5:13
Na de geboorte van Mahalalel leefde Kenan nog 840 jaar. Hij verwekte zonen en dochters.
Gerelateerd aan Genesis 5:4
Genesis 5:7
Na de geboorte van Enos leefde Set nog 807 jaar. Hij verwekte zonen en dochters.
Gerelateerd aan Genesis 5:4
Genesis 5:10
Na de geboorte van Kenan leefde Enos nog 815 jaar. Hij verwekte zonen en dochters.
Gerelateerd aan Genesis 5:4
Genesis 5:19
Na de geboorte van Henoch leefde Jered nog 800 jaar. Hij verwekte zonen en dochters.
Gerelateerd aan Genesis 5:4
Genesis 1:28
Hij zegende hen en zei tegen hen: ‘Wees vruchtbaar en word talrijk, bevolk de aarde en breng haar onder je gezag: heers over de vissen van de zee, over de vogels van de hemel en over alle dieren die op de aarde rondkruipen.’
Gerelateerd aan Genesis 5:4
Genesis 9:1
Toen zegende God Noach en zijn zonen, hij zei tegen hen: ‘Wees vruchtbaar en word talrijk en bevolk de aarde.
Gerelateerd aan Genesis 5:4
Genesis 9:7
Wees vruchtbaar en word talrijk, bevolk de hele aarde.’
Gerelateerd aan Genesis 5:4
Psalmen 144:12
Onze zonen zijn als jonge planten, in hun jeugd met liefde verzorgd, onze dochters als de hoekzuilen van een paleis, zo sierlijk gesneden,
Gerelateerd aan Genesis 5:4
Psalmen 127:3
Kinderen zijn een geschenk van de HEER, de vrucht van de schoot is een beloning van God.
Gerelateerd aan Genesis 5:4
Genesis 11:12
Toen Arpachsad 35 jaar was, verwekte hij Selach.