Gerelateerd aan Genesis 24:67

Gerelateerd aan Genesis 24:67

Genesis 38:12

Geruime tijd later stierf Juda’s vrouw, de dochter van Sua. Toen de rouwtijd voorbij was begaf Juda zich naar Timna, samen met zijn vriend Chira uit Adullam, om bij zijn schaapscheerders te gaan kijken.
Gerelateerd aan Genesis 24:67

Genesis 37:35

Al zijn zonen en dochters deden hun best om hem te troosten, maar hij wilde niet getroost worden en zei: ‘Ik zal rouw dragen totdat ik naar mijn zoon in het dodenrijk afdaal.’ Zo treurde Jakob om zijn zoon.
Gerelateerd aan Genesis 24:67

Hooglied 8:2

Dan nam ik je mee en bracht je in mijn moeders huis. Dat heb ik van haar geleerd. Ik gaf je kruidige wijn te drinken, van het sap van mijn granaatappel.
Gerelateerd aan Genesis 24:67

Genesis 18:9

‘Waar is Sara, uw vrouw?’ vroegen zij hem. ‘Daar, in de tent, ‘antwoordde hij.
Gerelateerd aan Genesis 24:67

1 Thessalonicensen 4:15

Wij zeggen u met een woord van de Heer: wij, die in leven blijven tot de komst van de Heer, zullen de doden in geen geval voorgaan.
Gerelateerd aan Genesis 24:67

1 Thessalonicensen 4:13

Broeders en zusters, wij willen u niet in het ongewisse laten over de doden, zodat u niet hoeft te treuren, zoals zij die geen hoop hebben.
Gerelateerd aan Genesis 24:67

Genesis 23:1

Sara leefde honderdzevenentwintig jaar.
Gerelateerd aan Genesis 24:67

Efeze 5:22

Vrouwen, erken het gezag van uw man als dat van de Heer,
Gerelateerd aan Genesis 24:67

Genesis 18:6

Abraham haastte zich naar de tent, naar Sara. ‘Vlug, ‘zei hij, ‘drie schepel fijn meel! Maak deeg en bak brood.’
Gerelateerd aan Genesis 24:67

Genesis 29:18

Jakob was verliefd op Rachel, daarom zei hij tegen Laban: ‘Ik zal zeven jaar voor u werken om Rachel, uw jongste dochter.’
Gerelateerd aan Genesis 24:67

2 Korinthe 11:1

U staat me wel toe dat ik een beetje dwaas doe. Daar hebt u vast geen bezwaar tegen.
Gerelateerd aan Genesis 24:67

Jesaja 54:1

Jubel, onvruchtbare vrouw, jij die nooit een kind hebt gebaard; breek uit in gejuich en gejubel, jij die geen weeën hebt gekend. Want-zegt de HEER -,de kinderen van deze verstoten vrouw zullen talrijker zijn dan die van de gehuwde.
Gerelateerd aan Genesis 24:67

Genesis 2:22

Uit de rib die hij bij de mens had weggenomen, bouwde God, de HEER, een vrouw en hij bracht haar bij de mens.
Gerelateerd aan Genesis 24:67

Genesis 25:20

was veertig jaar toen hij trouwde met Rebekka, die een dochter was van de Arameeër Betuël uit Paddan-Aram en een zuster van de Arameeër Laban.