Gerelateerd aan Psalmen 78:49

Gerelateerd aan Psalmen 78:49

Exodus 12:13

Maar jullie zal ik voorbijgaan: aan het bloed zal ik jullie huizen herkennen, en door dat merkteken zal de dodelijke plaag waarmee ik Egypte straf, jullie niet treffen.
Gerelateerd aan Psalmen 78:49

Exodus 15:7

U toont uw majesteit en breekt uw tegenstanders, uw toorn ontbrandt en verteert hen als stro.
Gerelateerd aan Psalmen 78:49

2 Samuel 24:16

Maar toen de engel zijn hand naar Jeruzalem uitstrekte om ook daar dood en verderf te zaaien, begon de HEER het onheil dat was aangericht te betreuren. 'Genoeg!' zei hij tegen de engel. 'Laat je hand zakken!' De engel van de HEER stond bij het bergterras waar de Jebusiet Arauna zijn graan dorste.
Gerelateerd aan Psalmen 78:49

1 Koningen 22:21

en ten slotte trad een van de geesten op de HEER toe en zei: "Ik zal hem overhalen." "Hoe wil je dat doen?" vroeg de HEER.
Gerelateerd aan Psalmen 78:49

Romeinen 2:8

Maar wie handelt uit geldingsdrang, de waarheid niet eerbiedigt en zich laat leiden door onrecht, straft hij met zijn toorn en woede.
Gerelateerd aan Psalmen 78:49

Psalmen 11:6

Vuur en zwavel stort hij over hen uit, storm drinken zij uit de beker die hij aanreikt.
Gerelateerd aan Psalmen 78:49

Zefanja 3:8

Wacht maar-spreekt de HEER -,wacht op de dag dat ik mijn buit kom halen. Ik heb besloten volken te verzamelen en koninkrijken bijeen te halen, en mijn toorn, mijn laaiende woede over ze uit te storten. Door het vuur van mijn woede vergaat heel de aarde.
Gerelateerd aan Psalmen 78:49

Job 20:23

Terwijl hij zijn buik nog vult, treffen hem de vlammen van Gods woede, een regen van verderf komt op hem neer.
Gerelateerd aan Psalmen 78:49

Job 2:6

Toen zei de HEER tegen Satan: 'Goed, doe met hem wat je wilt, maar spaar zijn leven.'
Gerelateerd aan Psalmen 78:49

Jesaja 42:25

Hij stortte zijn brandende toorn over hen uit in allesverterend krijgsgeweld. Ze waren omringd door vlammen, maar zagen niet in waarom, ze stonden in brand, maar trokken er geen lering uit.
Gerelateerd aan Psalmen 78:49

Job 1:12

Toen zei de HEER tegen Satan: 'Goed, met alles wat van hem is mag je doen wat je wilt, maar raak Job zelf niet aan.' Hierop vertrok Satan.
Gerelateerd aan Psalmen 78:49

Klaagliederen 4:11

De HEER heeft zijn woede uitgevierd, zijn brandende toorn uitgegoten, hij heeft in Sion een vuur ontstoken dat haar fundamenten verteert.