Gerelateerd aan Numeri 11:26-29

Gerelateerd aan Numeri 11:26

Jeremia 36:5

Jeremia zei tegen hem: ‘Nu men mij belet om in de tempel van de HEER te komen,
Gerelateerd aan Numeri 11:26

1 Samuel 20:26

Saul zei er die dag niets van; hij dacht bij zichzelf dat het misschien toeval was, dat David niet rein was of iets dergelijks.
Gerelateerd aan Numeri 11:26

Exodus 4:13

Maar Mozes hield vol: 'Neemt u mij niet kwalijk, Heer, stuur toch iemand anders, wie u maar wilt.'
Gerelateerd aan Numeri 11:26

Exodus 3:11

Mozes zei: 'Maar wie ben ik dat ik naar de farao zou gaan en de Israëlieten uit Egypte zou leiden?'
Gerelateerd aan Numeri 11:26

Jeremia 1:6

Ik riep: ‘Nee, HEER, mijn God! Ik kan het woord niet voeren, ik ben te jong.’
Gerelateerd aan Numeri 11:26

1 Samuel 10:22

Daarom raadpleegden ze nogmaals de HEER: 'Waar is de man die ontbreekt?' 'Daar is hij, 'zei de HEER. 'Hij houdt zich schuil tussen de bagage.'
Gerelateerd aan Numeri 11:28

Markus 9:38

Johannes zei tegen hem: ‘Meester, we hebben iemand gezien die in uw naam demonen uitdreef en we hebben geprobeerd hem dat te beletten omdat hij zich niet bij ons wilde aansluiten.’
Gerelateerd aan Numeri 11:28

Johannes 3:26

Ze gingen naar Johannes en zeiden tegen hem: ‘Rabbi, de man die bij u aan de overkant van de Jordaan was, over wie u een getuigenis afgelegd hebt, is aan het dopen en iedereen gaat naar hem toe!’
Gerelateerd aan Numeri 11:28

Lukas 9:49

Daarop zei Johannes: ‘Meester, we hebben iemand gezien die in uw naam demonen uitdreef en we hebben geprobeerd hem dat te beletten, omdat hij u niet samen met ons volgt.’
Gerelateerd aan Numeri 11:28

Jozua 1:1

Na de dood van Mozes, de dienaar van de HEER, zei de HEER tegen Jozua, de zoon van Nun en de rechterhand van Mozes:
Gerelateerd aan Numeri 11:28

Exodus 33:11

De HEER sprak persoonlijk met Mozes, zoals een mens met een ander mens spreekt. Daarna keerde Mozes terug naar het kamp, maar zijn jonge dienaar Jozua, de zoon van Nun, verliet de tent niet.
Gerelateerd aan Numeri 11:28

Exodus 17:9

Toen zei Mozes tegen Jozua: 'Kies een aantal mannen uit en trek met hen tegen Amalek ten strijde. Ikzelf zal morgen op de top van de heuvel gaan staan, met in mijn hand de staf van God.'
Gerelateerd aan Numeri 11:29

1 Korinthe 14:5

Ik zou willen dat u allen in klanktaal kon spreken, maar ik wil nog liever dat u profeteert. Iemand die profeteert is nuttiger dan iemand die in klanktaal spreekt, tenzij hij uitlegt wat hij zegt, zodat de gemeente er baat bij heeft.
Gerelateerd aan Numeri 11:29

Jakobus 5:9

Klaag niet over elkaar, broeders en zusters, want daarmee roept u het oordeel over u af. Bedenk dat de rechter voor de deur staat.
Gerelateerd aan Numeri 11:29

Mattheüs 9:37

Hij zei tegen zijn leerlingen: ‘De oogst is groot, maar er zijn weinig arbeiders.
Gerelateerd aan Numeri 11:29

Lukas 10:2

Hij zei tegen hen: ‘De oogst is groot, maar arbeiders zijn er weinig; vraag dus de eigenaar van de oogst of hij arbeiders wil sturen om de oogst binnen te halen.
Gerelateerd aan Numeri 11:29

Jakobus 4:5

Denk toch niet dat dit loze woorden zijn in de Schrift: 'Hij die ons het leven gaf, maakt er vurig aanspraak op;
Gerelateerd aan Numeri 11:29

Filippensen 2:3

Handel niet uit geldingsdrang of eigenwaan, maar acht in alle bescheidenheid de ander belangrijker dan uzelf.
Gerelateerd aan Numeri 11:29

1 Petrus 2:1

Ontdoe u dus van alles wat slecht is, van alle bedrog en huichelarij, alle afgunst en kwaadsprekerij,
Gerelateerd aan Numeri 11:29

Jakobus 3:14

Maar als u zich laat beheersen door bittere jaloezie of egoïsme, kunt u beter niet zo hoog van de toren blazen; u zou de waarheid geweld aandoen.
1
2
Volgende