Gerelateerd aan Mattheüs 26:2

Gerelateerd aan Mattheüs 26:2

Lukas 22:1

Het feest van het Ongedesemde brood, dat Pesach genoemd wordt, was bijna aangebroken.
Gerelateerd aan Mattheüs 26:2

Markus 14:1

De volgende dag zou het feest van Pesach en het Ongedesemde brood beginnen. De hogepriesters en schriftgeleerden zochten naar een mogelijkheid om hem door middel van een list gevangen te nemen en te doden.
Gerelateerd aan Mattheüs 26:2

Mattheüs 20:18

‘We zijn nu op weg naar Jeruzalem, waar de Mensenzoon zal worden uitgeleverd aan de hogepriesters en de schriftgeleerden, die hem ter dood zullen veroordelen.
Gerelateerd aan Mattheüs 26:2

Johannes 18:2

Judas, zijn verrader, kende deze plek ook, want Jezus was er vaak met zijn leerlingen samengekomen.
Gerelateerd aan Mattheüs 26:2

Johannes 11:55

Het was kort voor Pesach, het Joodse paasfeest, en veel mensen uit de omgeving gingen al vóór het feest naar Jeruzalem om zich te reinigen.
Gerelateerd aan Mattheüs 26:2

Mattheüs 26:24

De Mensenzoon zal heengaan zoals over hem geschreven staat, maar wee de mens door wie de Mensenzoon uitgeleverd wordt: het zou beter voor hem zijn als hij nooit geboren was.’
Gerelateerd aan Mattheüs 26:2

Johannes 13:1

Het was kort voor het pesachfeest. Jezus wist dat zijn tijd gekomen was en dat hij uit de wereld terug zou keren naar de Vader. Hij had de mensen die hem in de wereld toebehoorden lief, en zijn liefde voor hen zou tot het uiterste gaan.
Gerelateerd aan Mattheüs 26:2

Mattheüs 17:22

Terwijl ze door Galilea trokken, zei Jezus tegen hen: ‘De Mensenzoon zal uitgeleverd worden aan de mensen.
Gerelateerd aan Mattheüs 26:2

Lukas 24:6

Hij is niet hier, hij is uit de dood opgewekt. Herinner u wat hij u gezegd heeft toen hij nog in Galilea was:
Gerelateerd aan Mattheüs 26:2

Mattheüs 27:4

en zei: ‘Ik heb een zonde begaan door een onschuldige uit te leveren.’ Maar zij zeiden: ‘Wat gaat ons dat aan? Zie dat zelf maar op te lossen!’
Gerelateerd aan Mattheüs 26:2

Lukas 22:15

Hij zei tegen hen: ‘Ik heb er hevig naar verlangd dit pesachmaal met jullie te eten voor de tijd van mijn lijden aanbreekt.
Gerelateerd aan Mattheüs 26:2

Johannes 2:13

Kort voor Pesach, het Joodse paasfeest, reisde Jezus naar Jeruzalem.
Gerelateerd aan Mattheüs 26:2

Exodus 12:11

Zo moeten jullie het eten: met je gordel om, je sandalen aan en je staf in de hand, in grote haast. Dit is een maaltijd ter ere van de HEER, het pesachmaal.
Gerelateerd aan Mattheüs 26:2

Exodus 34:25

Als je een offerdier voor mij slacht, mag het bloed van het dier alleen vloeien wanneer er niets aanwezig is dat zuurdesem bevat, en van het offerdier voor het pesachfeest mag niets tot de volgende morgen bewaard worden.
Gerelateerd aan Mattheüs 26:2

Johannes 12:1

Zes dagen voor Pesach ging Jezus naar Betanië, naar Lazarus die hij uit de dood had opgewekt.