Gerelateerd aan Jona 1:11-15

Gerelateerd aan Jona 1:11

2 Samuel 24:11

(11-12) De HEER richtte zich tot de profeet Gad, de ziener van David: 'Ga naar David en zeg hem: "Dit zegt de HEER: Drie straffen leg ik je voor. Kies er een uit; die zal ik je opleggen."' Toen David de volgende morgen opstond,
Gerelateerd aan Jona 1:11

2 Samuel 21:1

Tijdens de regering van David heerste er eens drie jaar achtereen hongersnood. David wendde zich tot de HEER, en de HEER antwoordde: 'Het komt door Saul en zijn moordenaarsbende, omdat hij de Gibeonieten heeft gedood.'
Gerelateerd aan Jona 1:11

Micha 6:6

'Wat kan ik de HEER aanbieden, waarmee hulde brengen aan de verheven God? Moet ik hem tegemoet treden met brandoffers, zou hij eenjarige stieren aanvaarden?
Gerelateerd aan Jona 1:11

1 Samuel 6:2

Nu riepen ze ook de priesters en de waarzeggers erbij en legden hun de vraag voor: 'Wat moeten we doen met de ark van de HEER? Hoe kunnen we hem het beste terugsturen?'
Gerelateerd aan Jona 1:12

2 Samuel 24:17

Toen David de engel die dood en verderf onder het volk zaaide zag staan, zei hij tegen de HEER: 'Ik ben het die gezondigd heeft; ik ben het die een zonde heeft begaan. Maar deze arme schapen, wat hebben zij misdaan? Hef uw hand toch op tegen mij en mijn familie!'
Gerelateerd aan Jona 1:12

1 Kronieken 21:17

en David zei tegen God: 'Ik was het toch die opdracht heeft gegeven tot een volkstelling? Ik ben het die gezondigd heeft; ik ben het die verkeerd heeft gehandeld. Maar deze arme schapen, wat hebben zij misdaan? HEER, mijn God, hef uw hand toch op tegen mij en mijn familie, in plaats van uw volk met deze plaag te treffen!'
Gerelateerd aan Jona 1:12

Jozua 7:12

Daarom kan het volk van Israël niet standhouden tegen zijn vijanden. Het zal voor zijn vijanden op de vlucht slaan, omdat het nu zelf aan de vernietiging is prijsgegeven. Ik zal jullie niet meer bijstaan als jullie je niet van de gestolen goederen ontdoen.
Gerelateerd aan Jona 1:12

Handelingen 27:24

Hij zei: “Wees niet bang, Paulus, je moet voor de keizer verschijnen, en daarom heeft God je in zijn goedheid het leven van alle opvarenden geschonken.”
Gerelateerd aan Jona 1:12

Prediker 9:18

Wijsheid is beter dan het wapengekletter van zo'n dwaas; hij alleen richt al veel goeds te gronde.
Gerelateerd aan Jona 1:12

Johannes 11:50

Besef toch dat het in jullie eigen belang is dat één man sterft voor het hele volk, zodat niet het hele volk verloren gaat.’
Gerelateerd aan Jona 1:12

Jozua 7:20

Achan antwoordde: 'Ik beken dat ik heb gezondigd tegen de HEER, de God van Israël. Dit is wat ik heb gedaan:
Gerelateerd aan Jona 1:13

Job 34:29

Maar als hij zwijgt, wie kan hem dan verstoren? Als hij zijn gelaat verbergt, wie kan hem dan aanschouwen? Over de mensen en de volken waakt hij evenzeer,
Gerelateerd aan Jona 1:13

Spreuken 21:30

Wijsheid, inzicht, plannen, niets houdt stand tegen de HEER.
Gerelateerd aan Jona 1:14

Psalmen 115:3

Onze God is in de hemel, hij doet wat hem behaagt.
Gerelateerd aan Jona 1:14

Deuteronomium 21:8

Ach HEER, houd Israël, het volk dat u bevrijd hebt, niet verantwoordelijk voor deze moord, en reken het ons niet aan dat er onder uw volk een onschuldige is gedood.’ Dan zal die moord hun niet worden aangerekend.
Gerelateerd aan Jona 1:14

Psalmen 135:6

De HEER maakt alles wat hij wil in de hemel en op de aarde en in de diepten van de oceanen.
Gerelateerd aan Jona 1:14

Psalmen 107:28

Ze riepen in hun angst tot de HEER -hij leidde hen weg uit vele gevaren,
Gerelateerd aan Jona 1:14

Jona 1:16

De mannen werden vervuld met bang ontzag voor de HEER. Ze brachten hem een offer en deden hem geloften.
Gerelateerd aan Jona 1:14

Daniel 4:34

(4:31) Maar toen de zeven jaren verstreken waren, sloeg ik, Nebukadnessar, mijn ogen naar de hemel op en keerde mijn verstand in mij terug. Ik prees de hoogste God, ik roemde en verheerlijkte de eeuwig Levende: zijn heerschappij is een eeuwige heerschappij en zijn koningschap duurt van generatie tot generatie voort.
Gerelateerd aan Jona 1:14

Efeze 1:9

(9-10) dit mysterie onthuld: zijn voornemen om met Christus de voltooiing van de tijd te verwezenlijken en zijn besluit om alles in de hemel en op aarde onder één hoofd bijeen te brengen, onder Christus.
1
2
Volgende