Gerelateerd aan Jesaja 35:7
Gerelateerd aan Jesaja 35:7
Handelingen 26:18
om hun de ogen te openen, zodat ze zich van de duisternis naar het licht keren, en van de macht van Satan naar God. Door het geloof in mij zullen ze vergeving krijgen voor hun zonden, en samen met allen die mij toebehoren zullen ze deel krijgen aan mijn koninkrijk.”
Gerelateerd aan Jesaja 35:7
Jesaja 49:10
Ze zullen dorst noch honger lijden, de zinderende hitte zal hen niet kwellen en de zon zal hen niet steken, want hij die zich over hen ontfermt, zal hen leiden en hen naar waterbronnen voeren.
Gerelateerd aan Jesaja 35:7
Jesaja 34:13
Dorens overwoekeren de burchten, onkruid en distels de vestingen. Het land wordt het domein van jakhalzen, de woonplaats van struisvogels.
Gerelateerd aan Jesaja 35:7
Jesaja 13:22
In de lege huizen klinkt het gehuil van hyena’s, jakhalzen janken in de weelderige paleizen van weleer. Voor Babel is de tijd nabij, zijn dagen zijn geteld.
Gerelateerd aan Jesaja 35:7
Johannes 7:38
“Rivieren van levend water zullen stromen uit het hart van wie in mij gelooft, ”zo zegt de Schrift.’
Gerelateerd aan Jesaja 35:7
Openbaring 20:2
Hij greep de draak, de slang van weleer, die ook duivel of Satan wordt genoemd, en ketende hem voor duizend jaren.
Gerelateerd aan Jesaja 35:7
Hosea 1:10
(2:1) Maar eens zullen de kinderen van Israël talrijk zijn als zandkorrels aan de zee, die niet te meten en niet te tellen zijn. En waar tegen hen gezegd is: 'Jullie zijn mijn volk niet meer, 'zullen ze weer kinderen van de levende God worden genoemd.
Gerelateerd aan Jesaja 35:7
Jesaja 44:3
Ik zal water uitgieten op dorstige grond, waterstromen over het droge land. Ik zal mijn geest uitgieten over je nazaten en mijn zegen over je telgen.
Gerelateerd aan Jesaja 35:7
Johannes 4:14
‘maar wie het water drinkt dat ik hem geef, zal nooit meer dorst krijgen. Het water dat ik geef, zal in hem een bron worden waaruit water opwelt dat eeuwig leven geeft.’
Gerelateerd aan Jesaja 35:7
Openbaring 18:2
Met een krachtige stem riep hij: 'Gevallen, gevallen is Babylon, die grote stad! Ze is een woonplaats voor demonen geworden, ze biedt onderdak aan elke onreine geest, elke onreine vogel en elk onrein, afschuwelijk dier.
Gerelateerd aan Jesaja 35:7
1 Johannes 5:19
We weten dat wij uit God voortkomen, terwijl de hele wereld in de macht is van hem die het kwaad zelf is.
Gerelateerd aan Jesaja 35:7
Openbaring 12:9
De grote draak werd op de aarde gegooid. Hij is de slang van weleer, die duivel of Satan wordt genoemd en die de hele wereld misleidt. Samen met zijn engelen werd hij op de aarde gegooid.
Gerelateerd aan Jesaja 35:7
Mattheüs 21:43
Daarom zeg ik u: het koninkrijk van God zal u worden ontnomen, en gegeven worden aan een volk dat het wel vrucht laat dragen.
Gerelateerd aan Jesaja 35:7
Jesaja 19:6
De rivierarmen beginnen te stinken, de stromen van Egypte slinken en drogen op, riet en biezen verwelken.
Gerelateerd aan Jesaja 35:7
Lukas 13:29
Uit het oosten en het westen en uit het noorden en het zuiden zullen ze komen, en ze zullen aan tafel genodigd worden in het koninkrijk van God.
Gerelateerd aan Jesaja 35:7
Jesaja 29:17
Nog slechts een korte tijd, dan zal de Libanon weer een boomgaard worden, een boomgaard die is als een woud.
Gerelateerd aan Jesaja 35:7
1 Korinthe 6:9
Weet u niet dat wie onrecht doet geen deel zal hebben aan het koninkrijk van God? Vergis u niet. Ontuchtplegers noch afgodendienaars, overspeligen, schandknapen noch knapenschenders,