Gerelateerd aan 1 Timotheüs 3:6
Gerelateerd aan 1 Timotheüs 3:6
1 Timotheüs 6:4
is verblind. Zo iemand begrijpt niets, maar is ziek door zijn geredetwist en geruzie; dat leidt tot afgunst, onenigheid, laster en kwaadaardige verdachtmakingen,
Gerelateerd aan 1 Timotheüs 3:6
Hebreeën 5:12
Werkelijk, u had toch inmiddels allemaal leraar moeten zijn! In plaats daarvan hebt u er zelf een nodig om u opnieuw de grondslagen van het woord van God bij te brengen; het is met u zo ver gekomen dat u weer aangewezen bent op melk in plaats van op vast voedsel.
Gerelateerd aan 1 Timotheüs 3:6
1 Petrus 2:2
en verlang als pasgeboren zuigelingen naar de zuivere melk van het woord, opdat u daardoor groeit en uw redding bereikt.
Gerelateerd aan 1 Timotheüs 3:6
1 Petrus 5:5
En u, jongeren, moet van uw kant het gezag van de oudsten erkennen. Overigens, in de omgang met elkaar moet ieder van u altijd de minste willen zijn, want God keert zich tegen hoogmoedigen, maar aan nederigen schenkt hij zijn genade.
Gerelateerd aan 1 Timotheüs 3:6
2 Korinthe 12:7
niet op grond van de uitzonderlijke openbaringen die ik heb gekregen. Om te verhinderen dat ik mezelf zou verheffen, werd mij een doorn in het vlees gestoken: ik word gekweld door een engel van Satan.
Gerelateerd aan 1 Timotheüs 3:6
2 Kronieken 32:25
Jechizkia was echter zo hoogmoedig geworden dat hij zich niet dankbaar toonde voor de weldaad die hem was bewezen. Zo riep hij Gods toorn over zich af, en ook over heel Juda en Jeruzalem.
Gerelateerd aan 1 Timotheüs 3:6
Jesaja 2:12
Op die dag zal de HEER van de hemelse machten zich keren tegen ieder die hoogmoedig is en trots, tegen ieder die zich verheven acht-ze worden vernederd! -,
Gerelateerd aan 1 Timotheüs 3:6
Jesaja 14:12
O morgenster, zoon van de dageraad, hoe diep ben je uit de hemel gevallen. Overwinnaar van alle volken, hoe smadelijk lig je daar geveld.
Gerelateerd aan 1 Timotheüs 3:6
Lukas 10:18
Hij zei tegen hen: ‘Ik heb Satan als een lichtflits uit de hemel zien vallen!
Gerelateerd aan 1 Timotheüs 3:6
2 Kronieken 26:16
Maar toen Uzzia het toppunt van zijn macht had bereikt, werd hij hoogmoedig, en dat leidde tot zijn ondergang. Hij overtrad het gebod van de HEER, zijn God, door de tempel van de HEER binnen te gaan om daar zelf een reukoffer te brengen op het reukofferaltaar.
Gerelateerd aan 1 Timotheüs 3:6
1 Korinthe 3:1
Maar, broeders en zusters, ik kon tot u niet spreken als tot geestelijke mensen. Ik sprak tot mensen van deze wereld, tot niet meer dan kinderen in het geloof in Christus.
Gerelateerd aan 1 Timotheüs 3:6
2 Koningen 14:10
U hebt Edom verslagen, dat is waar, maar nu bent u overmoedig geworden. Gedraag u waardig en blijf waar u bent. Waarom zou u uzelf in het ongeluk storten en Juda meesleuren in uw val?'
Gerelateerd aan 1 Timotheüs 3:6
Deuteronomium 17:20
Dan zal hij zich niet inbeelden dat hij meer is dan anderen en in enig opzicht boven de wet staat, en zal zijn koningschap over Israël bestendigd worden en op zijn zonen overgaan.
Gerelateerd aan 1 Timotheüs 3:6
1 Korinthe 4:6
Broeders en zusters, ik heb hiervoor over Apollos en mijzelf gesproken. Dat heb ik gedaan omwille van u. U moet namelijk uit ons voorbeeld deze regel leren: houd u aan wat geschreven staat. U mag uzelf niet belangrijk maken door de een te verheerlijken boven de ander.
Gerelateerd aan 1 Timotheüs 3:6
Spreuken 29:23
De hoogmoed van een mens brengt hem ten val, eer is weggelegd voor wie bescheiden is.
Gerelateerd aan 1 Timotheüs 3:6
1 Korinthe 8:1
Dan nu over heidens offervlees. Zeker, het is waar dat wij allen kennis bezitten. Maar kennis maakt verwaand; alleen de liefde bouwt op.
Gerelateerd aan 1 Timotheüs 3:6
Spreuken 16:18
Hooghartigheid gaat vooraf aan ellende, hoogmoed komt voor de val.
Gerelateerd aan 1 Timotheüs 3:6
Deuteronomium 8:14
mag u daardoor niet hoogmoedig worden en de HEER, uw God, vergeten. Was hij het niet die u uit de slavernij in Egypte bevrijdde;
Gerelateerd aan 1 Timotheüs 3:6
Spreuken 18:12
Wie zichzelf in de hoogte steekt, komt ten val, bescheidenheid gaat aan eerbetoon vooraf.
Gerelateerd aan 1 Timotheüs 3:6
2 Petrus 2:4
Immers, God heeft zelfs engelen die gezondigd hadden niet gespaard maar hen in de Tartarus geworpen. Daar, in de diepste duisternis, blijven ze opgesloten om hun vonnis af te wachten.
1
2