Gerelateerd aan Spreuken 30:10

Gerelateerd aan Spreuken 30:10

Romeinen 14:4

Wie bent u dat u een oordeel velt over de dienaar van een ander? Of hij wel of niet volhardt in het geloof gaat alleen zijn eigen meester aan-en hij zal volharden, want de Heer heeft de macht hem dat te laten doen.
Gerelateerd aan Spreuken 30:10

Daniel 6:13

(6:14) Toen zeiden ze tegen de koning: 'Daniël, een van de Judese ballingen, slaat geen acht op u, majesteit, noch op het besluit dat u op schrift hebt laten stellen; driemaal daags verricht hij zijn gebed.'
Gerelateerd aan Spreuken 30:10

Prediker 7:21

Spits daarom je oren niet bij alles wat er om je heen gezegd wordt. Dan hoef je niet te horen hoe je dienaar je vervloekt.
Gerelateerd aan Spreuken 30:10

1 Samuel 22:9

Onder de dienaren van Saul bevond zich ook de Edomiet Doëg. Hij nam het woord en zei: 'Ik heb de zoon van Isaï in Nob gezien, bij Achimelech, de zoon van Achitub.
Gerelateerd aan Spreuken 30:10

1 Samuel 26:19

Luister alstublieft naar wat ik u te zeggen heb, mijn heer en koning: Als het de HEER is die u tegen mij heeft opgezet, laat dan een geurig offer hem vermurwen. Maar als u door mensen bent opgestookt, moge de HEER ze dan vervloeken omdat ze mij uit Gods eigen land verdrijven en zeggen dat ik maar andere goden moet gaan dienen.
Gerelateerd aan Spreuken 30:10

2 Samuel 19:26

(19:27) Hij antwoordde: 'Mijn heer en koning, mijn dienaar heeft me bedrogen. U moet weten dat ik me had voorgenomen om mijn ezel te zadelen en met u mee te rijden, omdat ik immers kreupel ben.
Gerelateerd aan Spreuken 30:10

1 Samuel 24:9

(24:10) en zei: 'Waarom schenkt u gehoor aan de mensen die beweren dat ik u kwaad wil doen?
Gerelateerd aan Spreuken 30:10

1 Samuel 30:15

'Kun jij me de weg wijzen naar jullie bende?' vroeg David. 'Dat wil ik wel doen, 'antwoordde de Egyptenaar, 'maar zweer me dan eerst bij God dat u me niet zult doden of aan mijn meester uitleveren.'
Gerelateerd aan Spreuken 30:10

2 Samuel 16:1

Nauwelijks was David de top van de berg over, of daar kwam Siba, de dienaar van Mefiboset, hem met een span ezels tegemoet. Deze waren bepakt met tweehonderd broden, honderd plakken rozijnen, honderd verse vruchten en een zak wijn.
Gerelateerd aan Spreuken 30:10

Spreuken 11:26

Wie zijn graan vasthoudt, wordt door het volk vervloekt, wie het verkoopt, wordt gezegend.
Gerelateerd aan Spreuken 30:10

Daniel 3:8

Enkele Chaldeeën namen de gelegenheid te baat en traden naar voren om de Judeeërs te beschuldigen.
Gerelateerd aan Spreuken 30:10

Daniel 6:24

(6:25) Toen gaf de koning bevel de mannen te brengen die Daniël hadden beschuldigd, en hij liet hen samen met hun kinderen en hun vrouwen in de leeuwenkuil werpen. Ze hadden de bodem van de kuil nog niet geraakt, of de leeuwen stortten zich op hen en vermorzelden al hun botten.
Gerelateerd aan Spreuken 30:10

Spreuken 24:23

Ook deze spreuken zijn afkomstig van de wijzen. Een partijdig oordeel in een rechtszaak is verkeerd.
Gerelateerd aan Spreuken 30:10

Deuteronomium 15:9

Wees niet zo berekenend om bij uzelf te denken: Het zevende jaar, het jaar van de kwijtschelding, komt eraan-waardoor u zich afsluit voor de ellende van uw volksgenoot en hem met lege handen laat gaan. Als hij dan de HEER zijn nood klaagt om wat u hem hebt aangedaan, zal het u als zonde worden aangerekend.
Gerelateerd aan Spreuken 30:10

2 Kronieken 24:22

Koning Joas sloeg geen acht op de trouwe diensten die Zecharja's vader Jojada hem bewezen had, en liet de zoon van zijn weldoener vermoorden. Zecharja's stervenswoorden luidden: 'Moge de HEER zien wat mij wordt aangedaan en het vergelden.'
Gerelateerd aan Spreuken 30:10

Deuteronomium 23:15

(23:16) U mag een slaaf die bij u zijn toevlucht zoekt, niet uitleveren aan zijn meester.
Gerelateerd aan Spreuken 30:10

Spreuken 28:27

Wie aan de armen geeft, lijdt nooit gebrek, wie zijn ogen sluit, wordt door veel vervloekingen getroffen.