Gerelateerd aan Richteren 4:5

Gerelateerd aan Richteren 4:5

Genesis 35:8

(De voedster van Rebekka, Debora, stierf daar. Ze werd ten zuiden van Betel begraven, onder een eik die daarom Eik van geween werd genoemd.)
Gerelateerd aan Richteren 4:5

1 Samuel 1:19

De volgende morgen vroeg bogen ze zich neer voor de HEER, waarna ze zich op de terugreis begaven. Thuis in Rama sliep Elkana met zijn vrouw Hanna, en de HEER verhoorde haar.
Gerelateerd aan Richteren 4:5

Exodus 18:26

Zij stonden altijd klaar om over het volk recht te spreken. Moeilijke zaken legden ze aan Mozes voor, in eenvoudiger zaken deden ze zelf uitspraak.
Gerelateerd aan Richteren 4:5

Jozua 16:2

Van daar liep hij naar Luz en vervolgens naar Atarot, dat in het gebied van de Arkieten ligt.
Gerelateerd aan Richteren 4:5

Jozua 18:25

Verder Gibeon, Rama, Beërot,
Gerelateerd aan Richteren 4:5

Deuteronomium 17:8

Met betrekking tot moord of doodslag, rechtsvordering en geweldpleging kunnen zich in uw steden rechtszaken voordoen waarin het te moeilijk is om vonnis te wijzen. In dergelijke gevallen moet u naar de plaats gaan die de HEER, uw God, zal uitkiezen.
Gerelateerd aan Richteren 4:5

Exodus 18:16

Als ze een geschil hebben, wordt dat aan mij voorgelegd, en dan beslis ik wie er in zijn recht staat en vertel ik hun hoe Gods wetten en voorschriften luiden.'
Gerelateerd aan Richteren 4:5

Jozua 18:22

Bet-Araba, Semaraïm, Betel,
Gerelateerd aan Richteren 4:5

Exodus 18:19

Luister, ik zal je een goede raad geven, en moge God je dan ter zijde staan. Jij moet het volk bij God vertegenwoordigen en hun geschillen aan hem voorleggen.
Gerelateerd aan Richteren 4:5

1 Samuel 6:16

De vijf Filistijnse stadsvorsten hadden alles gezien en keerden nog dezelfde dag terug naar Ekron.
Gerelateerd aan Richteren 4:5

Exodus 18:13

De volgende dag sprak Mozes recht over het volk. Van 's morgens vroeg tot 's avonds laat stonden de mensen om hem heen.
Gerelateerd aan Richteren 4:5

1 Samuel 1:1

In Rama in de streek Suf, in het bergland van Efraïm, woonde een man die Elkana heette. Hij was een zoon van Jerocham, die een zoon was van Elihu, de zoon van Tochu, de zoon van Suf, en behoorde tot de stam Efraïm.
Gerelateerd aan Richteren 4:5

Jeremia 31:15

Dit zegt de HEER: In Rama hoort men klagen, bitter treuren. Rachel beweent haar zonen, zij wil niet worden getroost. Haar kinderen zijn er niet meer.
Gerelateerd aan Richteren 4:5

2 Samuel 15:2

Elke ochtend vroeg stelde hij zich op bij de stadspoort. Hij sprak iedereen aan die op weg was naar de koning om een uitspraak te vragen in een rechtsgeschil. 'Waar komt u vandaan?' vroeg hij dan, en wanneer het antwoord luidde: 'Uit dat en dat stamgebied van Israël,'
Gerelateerd aan Richteren 4:5

1 Samuel 25:1

Omstreeks die tijd kwam Samuël te overlijden. Heel Israël kwam bijeen om over hem te rouwen. Hij werd begraven bij zijn huis in Rama. David trok verder, naar de woestijn van Paran.