Gerelateerd aan Richteren 16:24

Gerelateerd aan Richteren 16:24

Daniel 5:4

Ze dronken wijn en prezen hun goden van goud en zilver, van brons, ijzer, hout en steen.
Gerelateerd aan Richteren 16:24

Openbaring 11:10

De mensen die op aarde leven juichen om de dood van de twee profeten, en opgetogen sturen ze elkaar geschenken, want die profeten waren een grote kwelling voor hen geweest.'
Gerelateerd aan Richteren 16:24

Habakuk 1:16

brengt hij offers aan zijn net, brandt hij wierook voor zijn fuik, alles voor een vette buit, een overvloedig maal.
Gerelateerd aan Richteren 16:24

1 Samuel 31:9

Ze sloegen Sauls hoofd af en ontdeden hem van zijn wapenrusting, en lieten in hun hele land boden rondgaan om het nieuws van de overwinning in de tempels van hun goden en aan het hele volk bekend te maken.
Gerelateerd aan Richteren 16:24

Richteren 15:8

En hij sloeg er ongenadig op los en maakte talloze slachtoffers. Daarna trok hij zich terug onder een overhangende rots bij Etam.
Gerelateerd aan Richteren 16:24

Ezechiel 20:14

Ik deed het niet, want ik wilde mijn naam niet ontwijden bij de volken die hadden gezien hoe ik hen had weggeleid.
Gerelateerd aan Richteren 16:24

Jesaja 37:20

Ik vraag u, HEER, onze God: red ons uit zijn handen, opdat alle koninkrijken op aarde zullen beseffen dat u, HEER, de enige bent.’
Gerelateerd aan Richteren 16:24

1 Kronieken 10:9

Ze ontdeden Saul van zijn kleding en gaven zijn hoofd en zijn wapens mee aan boden die het Filistijnse land moesten rondgaan om het nieuws van de overwinning aan hun goden en aan het hele volk bekend te maken.
Gerelateerd aan Richteren 16:24

Richteren 15:16

'Met een ezelskaak heb ik hun botten gekraakt. Met een ezelskaak heb ik er duizend geraakt!' riep hij uit,
Gerelateerd aan Richteren 16:24

Deuteronomium 32:27

maar ik vrees de hoon van hun vijanden. Die zullen immers de feiten verdraaien, de overwinning voor zichzelf opeisen en de hand van de HEER daarin ontkennen.
Gerelateerd aan Richteren 16:24

Daniel 5:23

U bent tegen de heer van de hemel opgestaan. U hebt de bekers laten halen die uit zijn tempel afkomstig zijn, en u en uw machthebbers, uw hoofdvrouwen en bijvrouwen, hebben er wijn uit gedronken. U hebt uw goden van zilver en goud, van brons, ijzer, hout en steen geprezen, goden die niets zien of horen of weten. Maar de God die beschikt over uw levensadem en die al uw doen en laten bepaalt, hebt u niet verheerlijkt.