Gerelateerd aan Richteren 16:16-17
Gerelateerd aan Richteren 16:16
Lukas 11:8
Ik zeg jullie, als hij al niet opstaat en het hem geeft omdat ze vrienden zijn, dan zal hij wel opstaan omdat zijn vriend zo onbeschaamd blijft aandringen, en hem alles geven wat hij nodig heeft.
Gerelateerd aan Richteren 16:16
Lukas 18:5
toch zal ik die weduwe recht verschaffen omdat ze me last bezorgt. Anders blijft ze eindeloos bij me komen en vliegt ze me nog aan.’
Gerelateerd aan Richteren 16:16
Jona 4:9
Maar God zei tegen Jona: 'Is het terecht dat je zo kwaad bent over die plant?' Jona antwoordde: 'Ik ben verschrikkelijk kwaad, en terecht!'
Gerelateerd aan Richteren 16:16
Job 21:4
Is mijn aanklacht tegen een mens gericht? Waarom zou ik dan mijn geduld bewaren?
Gerelateerd aan Richteren 16:16
Markus 14:24
Hij zei tegen hen: ‘Dit is mijn bloed, het bloed van het verbond, dat voor velen vergoten wordt.
Gerelateerd aan Richteren 16:16
Spreuken 7:21
Zo wist ze hem te paaien met haar vleierij, ze haalde hem over met allerlei lokkende woorden,
Gerelateerd aan Richteren 16:16
Spreuken 7:26
Veel slachtoffers heeft zij gemaakt, talloos velen zijn door haar geveld.
Gerelateerd aan Richteren 16:17
Micha 7:5
Geloof je naaste niet, vertrouw je vriend niet, let op je woorden, ook bij wie er in je armen ligt.
Gerelateerd aan Richteren 16:17
Spreuken 12:23
Een verstandig mens loopt niet met zijn kennis te koop, dwazen strooien met hun dwaasheid.
Gerelateerd aan Richteren 16:17
Richteren 13:5
U zult zwanger worden en een zoon krijgen. Zijn haar mag nooit door een scheermes worden aangeraakt, want hij zal al vanaf de moederschoot als nazireeër aan God gewijd zijn. Hij zal een begin maken met de bevrijding van Israël uit de greep van de Filistijnen.'
Gerelateerd aan Richteren 16:17
Numeri 6:5
Ook mag, zolang zijn nazireeërgelofte geldt, zijn hoofd niet door een scheermes worden aangeraakt; gedurende de hele periode dat hij aan de HEER gewijd is, is hij heilig en moet hij zijn hoofdhaar laten groeien.
Gerelateerd aan Richteren 16:17
Numeri 6:2
'Zeg tegen de Israëlieten: "Wanneer een man of vrouw een bijzondere gelofte aflegt om zich als nazireeër aan de HEER te wijden,
Gerelateerd aan Richteren 16:17
Handelingen 18:18
Nadat Paulus nog geruime tijd bij de leerlingen had doorgebracht, nam hij afscheid en vertrok per schip naar Syrië, samen met Priscilla en Aquila. Voor zijn vertrek had hij in Kenchreeën zijn hoofd laten kaalscheren, omdat hij aan een gelofte gebonden was.
Gerelateerd aan Richteren 16:17
Spreuken 29:12
Als een heerser toegeeft aan bedrog, wordt ieder die hem dient een goddeloze.