Gerelateerd aan Psalmen 39:9

Gerelateerd aan Psalmen 39:9

Job 2:10

Maar Job zei tegen haar: 'Je woorden zijn de woorden van een dwaas. Al het goede aanvaarden we van God, zouden we dan het kwade niet aanvaarden?' Ondanks alles zondigde Job niet en sprak hij geen onvertogen woord.
Gerelateerd aan Psalmen 39:9

2 Samuel 16:10

Maar de koning zei: 'Wat heb ik met jullie te maken, zonen van Seruja? Hij vervloekt mij; en wat dan nog? Dat heeft de HEER hem natuurlijk ingegeven. Wat vraag je dan: Hoe waagt hij het?'
Gerelateerd aan Psalmen 39:9

Daniel 4:35

(4:32) De mensen op aarde zijn slechts nietige wezens; hij doet met de hemelse machten en met de mensen op aarde wat hij wil. Er is niemand die hem kan tegenhouden of tegen hem kan zeggen: 'Wat hebt u gedaan?'
Gerelateerd aan Psalmen 39:9

Leviticus 10:3

Mozes zei tegen Aäron: 'Dit bedoelde de HEER toen hij zei: "Door degenen die in mijn nabijheid verkeren, toon ik mijn heiligheid. Het hele volk maak ik getuige van mijn majesteit."' Aäron zweeg.
Gerelateerd aan Psalmen 39:9

1 Samuel 3:18

Zonder iets achter te houden vertelde Samuël hem alles wat hij had gehoord, en Eli zei: 'Hij is de HEER. Laat hij doen wat hij het beste vindt.'
Gerelateerd aan Psalmen 39:9

Psalmen 38:13

(38:14) Maar ik houd mij doof en wil niet horen, ik doe als een stomme mijn mond niet open,
Gerelateerd aan Psalmen 39:9

Job 40:4

'Ik ben onaanzienlijk. Wat zal ik u antwoorden? Ik leg mijn hand op mijn mond.
Gerelateerd aan Psalmen 39:9

Job 1:21

En hij zei: 'Naakt ben ik uit de schoot van mijn moeder gekomen en naakt zal ik in haar schoot terugkeren. De HEER heeft gegeven, de HEER heeft genomen, de naam van de HEER zij geprezen.'