SV
12Lamed. Komt, gij, kinderen! hoort naar mij! ik zal u des HEEREN vreze leren.
13Mem. Wie is de man, die lust heeft ten leven, die dagen liefheeft, om het goede te zien?
14Nun. Bewaar uw tong van het kwaad, en uw lippen van bedrog te spreken.
15Samech. Wijk af van het kwaad, en doe het goede; zoek den vrede, en jaag dien na.
Deze bijbeltekst is ontleend aan aan de Staten Vertaling van 1637