Gerelateerd aan Psalmen 18:39
Gerelateerd aan Psalmen 18:39
Psalmen 18:32
(18:33) De God die mij met kracht omgordt, leidt mij op een volmaakte weg,
Gerelateerd aan Psalmen 18:39
Psalmen 66:3
Zeg tot God: 'Hoe ontzagwekkend zijn uw daden, uw vijanden kruipen voor u, zo groot is uw macht.
Gerelateerd aan Psalmen 18:39
Efeze 1:22
Hij heeft alles aan zijn voeten gelegd en hem als hoofd over alles aangesteld, voor de kerk,
Gerelateerd aan Psalmen 18:39
1 Korinthe 15:25
Want hij moet koning zijn totdat 'God alle vijanden aan zijn voeten heeft gelegd'.
Gerelateerd aan Psalmen 18:39
2 Samuel 22:40
U hebt mij omgord met kracht voor de strijd, mijn tegenstanders voor mij doen buigen,
Gerelateerd aan Psalmen 18:39
Jesaja 45:14
Dit zegt de HEER: De Egyptenaren met hun schatten, de Nubiërs met hun rijkdom en de rijzige Sabeeërs, zij zullen komen en jullie toebehoren. Ze komen in ketenen en volgen je, ze buigen voor je en belijden: ‘Bij u alleen is een God, er is geen andere god, niet één.’
Gerelateerd aan Psalmen 18:39
Johannes 15:23
Wie mij haat, haat ook mijn Vader.
Gerelateerd aan Psalmen 18:39
Psalmen 34:21
(34:22) Een slecht mens komt om door eigen kwaad, wie een rechtvaardige haat zal boeten,
Gerelateerd aan Psalmen 18:39
1 Kronieken 22:18
'Staat de HEER, uw God, u niet ter zijde? Heeft hij u geen rust verschaft aan al uw grenzen? Hij heeft immers de vroegere inwoners van dit land aan mij uitgeleverd, zodat het land kon worden veroverd voor de HEER en zijn volk.
Gerelateerd aan Psalmen 18:39
Spreuken 8:36
Wie aan mij voorbijgaat, doet zichzelf veel kwaad, wie mij haat, bemint de dood.
Gerelateerd aan Psalmen 18:39
Filippensen 3:21
Met de kracht waarmee hij in staat is alles aan zich te onderwerpen, zal hij ons armzalig lichaam gelijk maken aan zijn verheerlijkt lichaam.
Gerelateerd aan Psalmen 18:39
Ezechiel 30:24
Ik zal de armen van de koning van Babylonië sterk maken en hem mijn zwaard in handen geven, ik zal de armen van de farao breken en hij zal voor de ogen van de koning kermen als een dodelijk gewonde man.
Gerelateerd aan Psalmen 18:39
Klaagliederen 5:5
We worden op de nek gezeten, we worden afgebeuld, ons wordt geen rust gegund.