Gerelateerd aan Psalmen 119:161

Gerelateerd aan Psalmen 119:161

1 Samuel 26:18

En meteen vroeg hij: 'Waarom jaagt u me toch achterna, mijn heer? Wat heb ik misdaan, waaraan heb ik me schuldig gemaakt?
Gerelateerd aan Psalmen 119:161

Psalmen 119:23

Al spannen machtigen tegen mij samen, uw dienaar blijft uw wetten overdenken.
Gerelateerd aan Psalmen 119:161

1 Samuel 24:9

(24:10) en zei: 'Waarom schenkt u gehoor aan de mensen die beweren dat ik u kwaad wil doen?
Gerelateerd aan Psalmen 119:161

Genesis 42:18

De derde dag zei hij tegen hen: ‘Als jullie in leven willen blijven, doe dan wat ik zeg, want ik heb ontzag voor God.
Gerelateerd aan Psalmen 119:161

Psalmen 4:4

(4:5) Beef voor hem en zondig niet, bezin u in de nacht en zwijg. sela
Gerelateerd aan Psalmen 119:161

1 Samuel 21:15

(21:16) Heb ik hier soms geen gekken genoeg, dat jullie hem bij me brengen om tegen me tekeer te gaan? Wat moet die kerel in mijn paleis?'
Gerelateerd aan Psalmen 119:161

Genesis 39:9

Ik heb hier evenveel gezag als hij, en hij heeft mij niets onthouden behalve u, omdat u zijn vrouw bent. Hoe zou ik dan zo’n grote wandaad kunnen begaan en zo kunnen zondigen tegen God?’
Gerelateerd aan Psalmen 119:161

Jesaja 66:2

Dit alles heb ik met eigen handen gemaakt, zo is dit alles ontstaan-spreekt de HEER. Toch sla ik acht op wie verdrukt wordt, op mensen met een gebroken geest, op ieder die huivert voor mijn woorden.
Gerelateerd aan Psalmen 119:161

Jeremia 36:23

Telkens als Jehudi drie of vier kolommen gelezen had, sneed de koning die met een schrijversmes af en gooide hij die in het vuur van het kolenbekken, totdat de hele rol verbrand was.
Gerelateerd aan Psalmen 119:161

Psalmen 119:157

Met velen zijn mijn vervolgers en belagers, toch wijk ik van uw richtlijnen niet af.
Gerelateerd aan Psalmen 119:161

Job 31:23

want één ding vrees ik: een door God gezonden ramp-tegen zijn oppermacht ben ik niet opgewassen.
Gerelateerd aan Psalmen 119:161

Nehemia 5:15

De gouverneurs vóór mij daarentegen hadden het volk zware lasten opgelegd en vorderden van hen niet alleen voedsel en wijn, maar ook nog eens veertig sjekel zilver, en hun manschappen terroriseerden het volk. Maar ik deed het anders, uit ontzag voor God.
Gerelateerd aan Psalmen 119:161

Johannes 15:25

Zo ging in vervulling wat in hun wet geschreven staat: “Ze hebben mij zonder reden gehaat.”