Gerelateerd aan Psalmen 106:41

Gerelateerd aan Psalmen 106:41

Richteren 2:14

Toen ontstak de HEER in woede tegen de Israëlieten. Hij leverde hen uit aan roversbenden en aan de hen omringende vijanden, zodat ze daartegen geen stand meer hielden.
Gerelateerd aan Psalmen 106:41

Richteren 10:7

De HEER ontstak in woede en leverde hen uit aan de Filistijnen en de Ammonieten.
Gerelateerd aan Psalmen 106:41

Richteren 6:1

(1-2) Maar de Israëlieten deden wat slecht is in de ogen van de HEER. Daarom leverde hij hen uit aan het volk van Midjan, dat hen zeven jaar achtereen kwam plunderen. Uit angst voor de Midjanieten richtten de Israëlieten in bergspleten, grotten en op andere moeilijk bereikbare plekken schuilplaatsen in.
Gerelateerd aan Psalmen 106:41

Richteren 3:8

De HEER werd woedend op de Israëlieten en leverde ze uit aan Kusan-Risataïm, de koning van Aram-Naharaïm; acht jaar moesten ze hem dienen.
Gerelateerd aan Psalmen 106:41

Nehemia 9:27

Daarom leverde u hen uit aan hun onderdrukkers. Wanneer ze werden onderdrukt riepen ze u aan, en u, vanuit de hemel, verhoorde hen. In uw grote liefde stuurde u bevrijders naar hen toe, en telkens weer redden die hen van hun onderdrukkers.
Gerelateerd aan Psalmen 106:41

Deuteronomium 28:25

De HEER zal de overwinning aan uw vijanden schenken: als één man gaat u op hen af, maar naar alle kanten zult u uiteenstuiven. Voor alle koninkrijken op aarde zult u als afschrikwekkend voorbeeld gelden.
Gerelateerd aan Psalmen 106:41

Deuteronomium 28:33

Een onbekend volk zal zich te goed doen aan alles wat uw land voortbrengt en waarvoor u zich hebt ingespannen. En u wordt mishandeld en uitgebuit, dag in dag uit.
Gerelateerd aan Psalmen 106:41

Richteren 3:12

Weer deden de Israëlieten wat slecht is in de ogen van de HEER. Daarom zette de HEER koning Eglon van Moab aan om de wapens tegen Israël op te nemen.
Gerelateerd aan Psalmen 106:41

Richteren 4:1

Na de dood van Ehud deden de Israëlieten weer wat slecht is in de ogen van de HEER.
Gerelateerd aan Psalmen 106:41

Deuteronomium 28:48

zult u de vijand die de HEER op u afstuurt moeten dienen, en dat zal gepaard gaan met honger en dorst, met een tekort aan kleding, met gebrek aan alles. U krijgt een loodzwaar juk opgelegd, tot er niemand meer over is.
Gerelateerd aan Psalmen 106:41

Deuteronomium 28:29

U zult op klaarlichte dag in het duister tasten, zoals een blinde op de tast zijn weg moet zoeken. Alles wat u onderneemt zal mislukken. Dag in dag uit zult u worden beroofd en uitgebuit, en er is niemand die u komt redden.
Gerelateerd aan Psalmen 106:41

Deuteronomium 32:30

Want hoe zouden zij met één man duizend van jullie kunnen achtervolgen, met twee er tienduizend verjagen, als de HEER, jullie rots, je niet uitleverde?