Gerelateerd aan Psalmen 106:32-33
Gerelateerd aan Psalmen 106:32
Psalmen 81:7
(81:8) Riep je om hulp, ik redde uit de nood en gaf antwoord uit het duister van de donder. Ik stelde je op de proef bij het water van Meriba: sela
Gerelateerd aan Psalmen 106:32
Deuteronomium 1:37
Door uw schuld werd de HEER ook kwaad op mij: ‘Ook jij mag het land niet in, ‘zei hij.
Gerelateerd aan Psalmen 106:32
Numeri 20:2
Toen er geen water meer was, liep het volk tegen Mozes en Aäron te hoop.
Gerelateerd aan Psalmen 106:32
Numeri 27:13
Wanneer je het gezien hebt, zul je met je voorouders verenigd worden, net als je broer Aäron.
Gerelateerd aan Psalmen 106:32
Psalmen 78:40
Hoe vaak tergden zij God in de woestijn, kwetsten zij hem in dat dorre land,
Gerelateerd aan Psalmen 106:32
Deuteronomium 3:26
Maar door uw schuld was de HEER tegen mij in woede ontstoken en hij weigerde naar mij te luisteren. Hij zei: ‘Genoeg, zwijg hier verder over!
Gerelateerd aan Psalmen 106:32
Deuteronomium 4:21
Door uw schuld is de HEER kwaad op mij geworden. Hij zwoer dat ik de Jordaan niet zou oversteken en het goede land niet binnen zou gaan dat hij u als grondgebied zou geven.
Gerelateerd aan Psalmen 106:32
Numeri 20:23
een berg aan de grens van Edom. Daar zei de HEER tegen Mozes en Aäron:
Gerelateerd aan Psalmen 106:33
Numeri 20:10
Hij en Aäron lieten iedereen bij de rots samenkomen. 'Luister, opstandig volk, 'zei Mozes, 'zullen wij voor u uit deze rots water laten stromen?'
Gerelateerd aan Psalmen 106:33
Job 2:10
Maar Job zei tegen haar: 'Je woorden zijn de woorden van een dwaas. Al het goede aanvaarden we van God, zouden we dan het kwade niet aanvaarden?' Ondanks alles zondigde Job niet en sprak hij geen onvertogen woord.
Gerelateerd aan Psalmen 106:33
Jakobus 3:2
En hoe vaak struikelen we niet allemaal! Wie nooit struikelt in het spreken kan zich een volmaakt mens noemen, die in staat is om zelfs het hele lichaam in toom te houden.
Gerelateerd aan Psalmen 106:33
Psalmen 78:40
Hoe vaak tergden zij God in de woestijn, kwetsten zij hem in dat dorre land,
Gerelateerd aan Psalmen 106:33
Psalmen 39:1
Voor de koorleider. Voor Jedutun. Een psalm van David. (39:2) Ik had mij voorgehouden: Ik moet mij beheersen en mijn tong voor zonde behoeden, mijn mond met een muilband bedwingen te midden van mensen zonder God of gebod.
Gerelateerd aan Psalmen 106:33
Genesis 35:16
(16-17) Toen ze weer uit Betel waren vertrokken en nog maar een uur of twee van Efrat verwijderd waren, moest Rachel bevallen. Het was een moeizame bevalling en ze had het erg zwaar, maar de vroedvrouw zei tegen haar: ‘Troost je: je hebt er een zoon bij!’
Gerelateerd aan Psalmen 106:33
Job 40:4
'Ik ben onaanzienlijk. Wat zal ik u antwoorden? Ik leg mijn hand op mijn mond.
Gerelateerd aan Psalmen 106:33
Psalmen 107:11
want ze hadden zich tegen Gods woorden verzet, de raad van de Allerhoogste verworpen,
Gerelateerd aan Psalmen 106:33
Job 38:2
'Wie is het die mijn besluit bedekt onder woorden vol onverstand?
Gerelateerd aan Psalmen 106:33
Genesis 30:1
Omdat Rachel geen kinderen van Jakob kreeg, was ze jaloers op haar zuster. ‘Geef mij kinderen, ‘zei ze tegen Jakob, ‘anders ga ik dood!’
Gerelateerd aan Psalmen 106:33
Job 42:7
Nadat de HEER deze woorden tot Job had gesproken, richtte hij zich tot Elifaz uit Teman: 'Ik ben in woede ontstoken tegen jou en je twee vrienden, omdat jullie niet juist over mij hebben gesproken, zoals mijn dienaar Job.
Gerelateerd aan Psalmen 106:33
Psalmen 141:3
Zet een wacht voor mijn mond, HEER, een post voor de deur van mijn lippen.