Gerelateerd aan Numeri 26:64
Gerelateerd aan Numeri 26:64
Deuteronomium 2:14
Tussen ons vertrek uit Kades-Barnea en de oversteek van de Zered waren er achtendertig jaar verstreken. Uiteindelijk was er van de eerste generatie geen weerbare man meer over in ons kamp, zoals de HEER gezworen had.
Gerelateerd aan Numeri 26:64
Deuteronomium 4:3
U hebt met eigen ogen gezien wat de HEER in Baäl-Peor heeft gedaan. Iedereen die zich met de Baäl van de Peor had afgegeven, heeft hij uit uw midden weggevaagd.
Gerelateerd aan Numeri 26:64
Numeri 14:29
Hier in de woestijn zullen jullie lijken liggen, de lijken van allen die ingeschreven zijn, allen van twintig jaar en ouder, niemand uitgezonderd, omdat jullie je tegenover mij beklaagd hebben.
Gerelateerd aan Numeri 26:64
1 Korinthe 10:5
Toch wees God de meesten van hen af, want hij liet hen bezwijken in de woestijn.
Gerelateerd aan Numeri 26:64
Hebreeën 3:17
Wie werden veertig jaar lang door zijn woede getroffen? Waren dat niet degenen die gezondigd hadden en van wie de lijken neervielen in de woestijn?
Gerelateerd aan Numeri 26:64
Numeri 1:1
Op de eerste dag van de tweede maand, in het tweede jaar na het vertrek van de Israëlieten uit Egypte, richtte de HEER zich in de Sinaiwoestijn tot Mozes. Hij sprak tegen hem in de ontmoetingstent en zei: