Gerelateerd aan Micha 2:6

Gerelateerd aan Micha 2:6

Amos 2:12

Maar jullie gaven de nazireeërs wijn te drinken, en tegen de profeten hebben jullie gezegd: 'Jullie mogen niet profeteren.'
Gerelateerd aan Micha 2:6

Jesaja 30:10

Tegen de zieners zeggen zij: ‘Voor ons geen visioenen!’ en tegen de schouwers: ‘Schouw niet naar waarheid. Spreek leugens tegen ons en valse profetieën.
Gerelateerd aan Micha 2:6

Jeremia 26:20

Er was nog een ander die als profeet optrad in de naam van de HEER: Uria uit Kirjat-Jearim, de zoon van Semaja. Ook hij profeteerde tegen Jeruzalem en Juda, en hij verkondigde hetzelfde als Jeremia.
Gerelateerd aan Micha 2:6

Amos 8:11

Weet dat de dagen komen-spreekt God, de HEER -dat ik het land zal laten hongeren. Het zal geen honger zijn naar brood of dorst naar water, maar honger naar de woorden van de HEER.
Gerelateerd aan Micha 2:6

Ezechiel 20:46

(21:2) 'Mensenkind, richt je blik naar het zuiden, klaag het aan en profeteer tegen het struikgewas daar.
Gerelateerd aan Micha 2:6

Ezechiel 3:26

Ik zal ervoor zorgen dat je tong aan je gehemelte vastkleeft, zodat je stom zult zijn. Je mag hen niet meer waarschuwen, want ze zijn hoe dan ook opstandig.
Gerelateerd aan Micha 2:6

Psalmen 74:9

Een gunstig teken zien wij niet, niet één profeet meer, en geen van ons weet voor hoe lang.
Gerelateerd aan Micha 2:6

1 Thessalonicensen 2:15

Die hebben de Heer Jezus en de profeten gedood en ons tot het uiterste vervolgd. Ze mishagen God en zijn alle mensen vijandig gezind,
Gerelateerd aan Micha 2:6

Jeremia 8:11

Ze verklaren de wond van mijn volk lichtvaardig voor genezen, ze zeggen: “Alles gaat naar wens.” Nee, niets gaat naar wens!
Gerelateerd aan Micha 2:6

Handelingen 7:51

Halsstarrige ongelovigen, u wilt niet luisteren en verzet u steeds weer tegen de heilige Geest, zoals uw voorouders ook al deden.
Gerelateerd aan Micha 2:6

Handelingen 4:17

Maar om te voorkomen dat het gerucht zich nog verder onder het volk verspreidt, moeten we hen waarschuwen met niemand meer over Jezus te spreken en hun verbieden zijn naam nog te gebruiken.’
Gerelateerd aan Micha 2:6

Handelingen 5:28

‘Hebben wij u niet nadrukkelijk verboden de naam van Jezus nog te gebruiken en onderricht over hem te geven? En toch verspreidt u uw leer in heel Jeruzalem en stelt u ons aansprakelijk voor de dood van deze man.’
Gerelateerd aan Micha 2:6

Handelingen 5:40

en riepen de apostelen weer binnen. Ze lieten hen geselen, bevalen hun de naam van Jezus niet meer te gebruiken en lieten hen vrij.
Gerelateerd aan Micha 2:6

Micha 6:16

Jullie houden je graag aan de bepalingen van Omri en aan de besluiten van het huis van Achab, jullie volgen hun raad. Daarom maak ik van jullie, inwoners van de stad, een afschrikwekkend voorbeeld en een voorwerp van spot, en je zult de schande van mijn volk dragen.
Gerelateerd aan Micha 2:6

Ezechiel 21:2

(21:7) 'Mensenkind, richt je blik op Jeruzalem en klaag de heiligdommen aan, profeteer tegen het land van Israël.
Gerelateerd aan Micha 2:6

Jeremia 26:8

Nadat hij tegen hen gezegd had wat de HEER hem had opgedragen, grepen ze hem vast. ‘Sterven moet jij!’ riepen ze.
Gerelateerd aan Micha 2:6

Jeremia 6:14

Ze verklaren de wond van mijn volk lichtvaardig voor genezen, ze zeggen: “Alles gaat naar wens.” Nee, niets gaat naar wens!
Gerelateerd aan Micha 2:6

Amos 7:13

Hier in Betel mag je niet langer profeteren, want dit is het heiligdom van de koning, de tempel van het koninkrijk.'