Gerelateerd aan Mattheüs 1:24

Gerelateerd aan Mattheüs 1:24

Johannes 15:14

Jullie zijn mijn vrienden wanneer je doet wat ik zeg.
Gerelateerd aan Mattheüs 1:24

Jakobus 2:21

Werd het onze voorvader Abraham niet als een rechtvaardige daad toegerekend dat hij zijn zoon Isaak op het altaar wilde offeren?
Gerelateerd aan Mattheüs 1:24

Exodus 40:19

Over de tabernakel werd de tweede tent gespannen en daaroverheen werden de buitenste tentkleden gelegd, zoals de HEER Mozes had opgedragen.
Gerelateerd aan Mattheüs 1:24

Exodus 40:27

en hij brandde er geurig reukwerk op, zoals de HEER hem had opgedragen.
Gerelateerd aan Mattheüs 1:24

Hebreeën 11:7

Door zijn geloof bouwde Noach, toen hem te kennen was gegeven wat er zou gebeuren, nog voordat dit voor iemand zichtbaar was, gehoorzaam een ark om daarmee zijn huisgenoten te redden. Zo veroordeelde hij de wereld en verwierf hij de gerechtigheid die voortkomt uit het geloof.
Gerelateerd aan Mattheüs 1:24

Johannes 2:5

Daarop sprak zijn moeder de bedienden aan: ‘Doe maar wat hij jullie zegt, wat het ook is.’
Gerelateerd aan Mattheüs 1:24

Exodus 40:16

Mozes deed alles wat de HEER hem had opgedragen.
Gerelateerd aan Mattheüs 1:24

2 Koningen 5:11

Kwaad ging Naäman weg. 'Ik had gedacht dat hij zelf naar buiten zou komen, 'zei hij. 'En dat hij de naam van de HEER, zijn God, zou aanroepen en met zijn hand over de aangetaste plek zou strijken, en zo de huidvraat zou wegnemen.
Gerelateerd aan Mattheüs 1:24

Genesis 6:22

Noach deed dit; hij deed alles zoals God het hem had opgedragen.
Gerelateerd aan Mattheüs 1:24

Genesis 7:5

Noach deed alles zoals de HEER het hem had opgedragen.
Gerelateerd aan Mattheüs 1:24

Exodus 40:25

en hij stak de lampen voor de HEER aan, zoals de HEER hem had opgedragen.
Gerelateerd aan Mattheüs 1:24

Genesis 22:2

‘Roep je zoon, je enige, van wie je zoveel houdt, Isaak, en ga met hem naar het gebied waarin de Moria ligt. Daar moet je hem offeren op een berg die ik je wijzen zal.’
Gerelateerd aan Mattheüs 1:24

Hebreeën 11:24

Door zijn geloof weigerde Mozes, toen hij volwassen werd, aangesproken te worden als zoon van een dochter van de farao.
Gerelateerd aan Mattheüs 1:24

Exodus 40:32

voordat ze de ontmoetingstent binnengingen of het altaar naderden; zo had de HEER het Mozes opgedragen.