Gerelateerd aan Lukas 24:50
Gerelateerd aan Lukas 24:50
Handelingen 1:12
Daarop keerden de apostelen van de Olijfberg terug naar Jeruzalem. Deze berg ligt vlak bij de stad, op een sabbatsreis afstand.
Gerelateerd aan Lukas 24:50
Mattheüs 21:17
Zo liet hij hen staan, en hij ging de stad uit, naar Betanië, waar hij de nacht doorbracht.
Gerelateerd aan Lukas 24:50
Genesis 14:18
En Melchisedek, de koning van Salem, liet brood en wijn brengen. Hij was een priester van God, de Allerhoogste,
Gerelateerd aan Lukas 24:50
Genesis 27:4
Maak dat voor me klaar zoals ik het lekker vind en breng me dat te eten; het zal mij de kracht geven om je te zegenen voordat ik sterf.’
Gerelateerd aan Lukas 24:50
Markus 10:16
Hij nam de kinderen in zijn armen en zegende hen door hun de handen op te leggen.
Gerelateerd aan Lukas 24:50
Genesis 48:9
Jozef antwoordde zijn vader: ‘Dat zijn mijn zonen, die God mij hier gegeven heeft.’ ‘Laat ze toch dichterbij komen, ‘zei Israël, ‘dan zal ik hen zegenen.’
Gerelateerd aan Lukas 24:50
Numeri 6:23
'Zeg tegen Aäron en zijn zonen dat zij de Israëlieten met deze woorden moeten zegenen:
Gerelateerd aan Lukas 24:50
Markus 11:1
Toen ze Jeruzalem naderden en in de buurt waren van Betfage en Betanië bij de Olijfberg, stuurde hij twee van zijn leerlingen vooruit.
Gerelateerd aan Lukas 24:50
Hebreeën 7:5
De afstammelingen van Levi die het priesterambt ontvangen, moeten volgens de wet tienden heffen van het volk, dat wil zeggen van hun broeders en zusters, die toch ook nakomelingen van Abraham zijn.
Gerelateerd aan Lukas 24:50
Genesis 49:28
Dit waren alle stammen van Israël, twaalf in getal, en met deze woorden gaf hun vader elk van hen een eigen zegen.