Gerelateerd aan Lukas 18:10

Gerelateerd aan Lukas 18:10

Mattheüs 21:31

Wie van de twee heeft nu de wil van zijn vader gedaan?’ Ze zeiden: ‘De eerste.’ Daarop zei Jezus: ‘Ik verzeker u: de tollenaars en de hoeren zijn u voor bij het binnengaan van het koninkrijk van God.
Gerelateerd aan Lukas 18:10

Handelingen 3:1

Op een dag gingen Petrus en Johannes zoals gewoonlijk omstreeks het negende uur naar de tempel voor het middaggebed.
Gerelateerd aan Lukas 18:10

1 Koningen 8:30

Luister naar de smeekbeden die uw dienaar en uw volk Israël naar deze tempel richten, aanhoor ons gebed vanuit de hemel, uw woonplaats, aanhoor ons en schenk ons vergeving.
Gerelateerd aan Lukas 18:10

Lukas 7:29

Alle mensen die dit hoorden, ook de tollenaars, brachten hulde aan God en zijn gerechtigheid: zij hadden zich immers door Johannes laten dopen.
Gerelateerd aan Lukas 18:10

2 Koningen 20:8

Hij vroeg aan Jesaja: 'Krijg ik van de HEER ook een teken dat hij me zal genezen en ik over drie dagen naar de tempel zal kunnen gaan?'
Gerelateerd aan Lukas 18:10

Lukas 19:46

terwijl hij hun toevoegde: ‘Er staat geschreven: “Mijn huis moet een huis van gebed zijn, ”maar jullie hebben er een rovershol van gemaakt!’
Gerelateerd aan Lukas 18:10

2 Koningen 20:5

'Ga weer naar binnen en zeg tegen Hizkia, de koning van mijn volk: "Dit zegt de HEER, de God van je voorvader David: Ik heb je gebed gehoord en je tranen gezien. Welnu, ik zal je genezen. Over drie dagen zul je in staat zijn naar mijn tempel te gaan.
Gerelateerd aan Lukas 18:10

Handelingen 26:5

ze kennen me lang genoeg om te kunnen bevestigen dat ik als Farizeeër volgens de strengste richting van onze godsdienst heb geleefd.
Gerelateerd aan Lukas 18:10

Handelingen 23:6

Paulus wist dat het Sanhedrin deels uit Sadduceeën bestond en deels uit Farizeeën, en daarom riep hij hun toe: ‘Broeders, ik ben een Farizeeër uit een geslacht van Farizeeën, en ik sta hier terecht omwille van de verwachting dat de doden zullen opstaan!’
Gerelateerd aan Lukas 18:10

Filippensen 3:5

Ik werd besneden toen ik acht dagen oud was en behoor tot het volk van Israël, tot de stam Benjamin, ik ben een geboren Hebreeër met de wetsopvatting van een Farizeeër
Gerelateerd aan Lukas 18:10

Lukas 1:9

werd er volgens het gebruik van de priesters geloot en werd Zacharias door het lot aangewezen om het reukoffer op te dragen in het heiligdom van de Heer.