SV
31En zie, gij zult bevrucht worden, en een Zoon baren, en zult Zijn naam heten JEZUS.
34En Maria zeide tot den engel: Hoe zal dat wezen, dewijl ik geen man bekenne?
35En de engel, antwoordende, zeide tot haar: De Heilige Geest zal over u komen, en de kracht des Allerhoogsten zal u overschaduwen; daarom ook, dat Heilige, Dat uit u geboren zal worden, zal Gods Zoon genaamd worden.
Deze bijbeltekst is ontleend aan aan de Staten Vertaling van 1637
KJV
31And, behold, thou shalt conceive in thy womb, and bring forth a son, and shalt call his name JESUS.
34Then said Mary unto the angel, How shall this be, seeing I know not a man?
35And the angel answered and said unto her, The Holy Ghost shall come upon thee, and the power of the Highest shall overshadow thee: therefore also that holy thing which shall be born of thee shall be called the Son of God.
Deze bijbeltekst is ontleend aan aan de King James Version