Gerelateerd aan Leviticus 25:39
Gerelateerd aan Leviticus 25:39
Exodus 21:2
Wanneer je een Hebreeuwse slaaf koopt, moet hij je zes jaar lang dienen; in het zevende jaar mag hij als vrij man vertrekken, zonder iets te hoeven betalen.
Gerelateerd aan Leviticus 25:39
1 Koningen 9:22
De Israëlieten zelf werden door Salomo niet verplicht tot herendienst; zij deden dienst als soldaten, hofdienaars, aanvoerders, adjudanten en bevelhebbers van de wagenmenners en de ruiterij.
Gerelateerd aan Leviticus 25:39
Nehemia 5:5
En nu onze akkers en wijngaarden in het bezit van anderen zijn, moeten we onze zonen en dochters als slaaf verkopen. Sommige van onze dochters zijn al slavin. Wij staan machteloos! Maar we zijn toch van hetzelfde vlees en bloed als onze volksgenoten, onze kinderen zijn toch niet minder dan die van hen!'
Gerelateerd aan Leviticus 25:39
2 Koningen 4:1
Op een keer riep de vrouw van een van de profeten Elisa's hulp in: 'Mijn man, uw dienaar, die zoals u weet altijd groot ontzag had voor de HEER, is gestorven. Nu zal mijn schuldeiser komen en mijn twee kinderen als slaven meenemen.'
Gerelateerd aan Leviticus 25:39
Leviticus 25:46
je kunt hen als erfelijk bezit aan je nakomelingen nalaten; zij zullen voor altijd als slaaf voor je blijven werken. Maar je volksgenoten, de Israëlieten, je eigen verwanten, mag je nooit als slaven afbeulen.
Gerelateerd aan Leviticus 25:39
Jeremia 30:8
Ik breek op die dag het juk van je nek, je banden ruk ik los- spreekt de HEER van de hemelse machten. Nooit meer wordt Jakobs volk de slaaf van vreemden,
Gerelateerd aan Leviticus 25:39
Deuteronomium 15:12
Wanneer iemand uit uw volk, een Hebreeuwse man of vrouw, zich als slaaf of slavin aan u verkoopt, moet deze u zes jaar lang dienen; in het zevende jaar moet u hem of haar de vrijheid teruggeven.
Gerelateerd aan Leviticus 25:39
Exodus 22:3
(22:2) Gebeurt dit echter na zonsopgang, dan laadt hij wel bloedschuld op zich. De dief moet alles vergoeden; bezit hij niets, dan moet men hem verkopen voor een bedrag ter waarde van het gestolene.
Gerelateerd aan Leviticus 25:39
Jeremia 25:14
Dan zullen de Chaldeeën zelf door vele volken en machtige koningen worden onderworpen. Zo zal ik hun vergelden wat ze hebben misdaan.’
Gerelateerd aan Leviticus 25:39
Jeremia 34:14
“Elk zevende jaar moeten jullie de Hebreeuwse mannen en vrouwen die zich als slaaf aan jullie verkocht hebben, vrijlaten. Zij moeten jullie zes jaar dienen, daarna moeten jullie hun de vrijheid teruggeven.” Maar jullie voorouders luisterden niet naar mij, ze hebben mij niet gehoorzaamd.
Gerelateerd aan Leviticus 25:39
Jeremia 27:7
Alle volken zullen aan hem, zijn zoon en zijn kleinzoon onderworpen zijn, totdat ook voor zijn eigen land de tijd komt dat vele volken en machtige koningen het zullen onderwerpen.