Gerelateerd aan Leviticus 18:6-11
Gerelateerd aan Leviticus 18:6
Leviticus 20:17
Wanneer iemand met zijn zuster trouwt, of ze nu de dochter van zijn vader of van zijn moeder is, en zij dus met elkaar gemeenschap hebben, is dat een schanddaad en zullen beiden publiekelijk uitgestoten worden. Zo iemand heeft gemeenschap gehad met zijn zuster en moet de gevolgen van zijn zonde dragen.
Gerelateerd aan Leviticus 18:6
Leviticus 18:7
Je mag geen gemeenschap hebben met je moeder, daarmee onteer je je vader; zij is je moeder en je mag geen gemeenschap met haar hebben.
Gerelateerd aan Leviticus 18:6
Leviticus 20:11
Wie het bed deelt met de vrouw van zijn vader, onteert zijn vader. Man en vrouw moeten beiden ter dood gebracht worden en hebben hun dood aan zichzelf te wijten.
Gerelateerd aan Leviticus 18:7
Leviticus 20:11
Wie het bed deelt met de vrouw van zijn vader, onteert zijn vader. Man en vrouw moeten beiden ter dood gebracht worden en hebben hun dood aan zichzelf te wijten.
Gerelateerd aan Leviticus 18:7
Ezechiel 22:10
Mannen bezoedelden hun vaders bed en misbruikten onreine, menstruerende vrouwen.
Gerelateerd aan Leviticus 18:7
Leviticus 20:14
Wie met een vrouw trouwt en ook met haar moeder, begaat een schanddaad. Hij en beide vrouwen moeten worden verbrand, want dergelijke schanddaden mogen bij jullie niet voorkomen.
Gerelateerd aan Leviticus 18:7
Leviticus 18:8
Heb geen gemeenschap met een andere vrouw van je vader, daarmee onteer je je vader.
Gerelateerd aan Leviticus 18:8
1 Korinthe 5:1
Het is algemeen bekend dat er een geval van ontucht bij u is dat zelfs bij de heidenen niet voorkomt: er is iemand die met de vrouw van zijn vader leeft.
Gerelateerd aan Leviticus 18:8
Leviticus 20:11
Wie het bed deelt met de vrouw van zijn vader, onteert zijn vader. Man en vrouw moeten beiden ter dood gebracht worden en hebben hun dood aan zichzelf te wijten.
Gerelateerd aan Leviticus 18:8
Deuteronomium 22:30
(23:1) Een man mag een vrouw die heeft toebehoord aan zijn vader niet huwen; anders schendt hij het bed van zijn vader.
Gerelateerd aan Leviticus 18:8
Deuteronomium 27:20
“Vervloekt is eenieder die het bed van zijn vader schendt door gemeenschap te hebben met een vrouw van zijn vader.” Dan antwoordt heel het volk: “Amen.”
Gerelateerd aan Leviticus 18:8
Genesis 49:4
Onstuimig ben jij als het water-nee, jij zult niet de voornaamste zijn, want jij hebt je vaders bed beslapen, je vaders legerstee ontwijd. Hij heeft mijn bed beslapen!
Gerelateerd aan Leviticus 18:8
Amos 2:7
Ze zijn eropuit de zwakken in het stof te laten kruipen, en de machtelozen dringen ze opzij. Een zoon en zijn vader komen bij hetzelfde meisje en maken zo mijn heilige naam te schande.
Gerelateerd aan Leviticus 18:8
Genesis 35:22
Tijdens Israëls verblijf in deze streek sliep Ruben eens met Bilha, zijn vaders bijvrouw. Israël hoorde ervan. Twaalf zonen had Jakob.
Gerelateerd aan Leviticus 18:8
2 Samuel 16:21
Achitofel sprak: 'Ga naar de bijvrouwen die uw vader heeft achtergelaten om voor het huis te zorgen. Dan zal heel Israël vernemen dat u uw vader hebt vernederd en zullen al uw aanhangers moed vatten.'
Gerelateerd aan Leviticus 18:8
Ezechiel 22:10
Mannen bezoedelden hun vaders bed en misbruikten onreine, menstruerende vrouwen.
Gerelateerd aan Leviticus 18:9
Leviticus 20:17
Wanneer iemand met zijn zuster trouwt, of ze nu de dochter van zijn vader of van zijn moeder is, en zij dus met elkaar gemeenschap hebben, is dat een schanddaad en zullen beiden publiekelijk uitgestoten worden. Zo iemand heeft gemeenschap gehad met zijn zuster en moet de gevolgen van zijn zonde dragen.
Gerelateerd aan Leviticus 18:9
Deuteronomium 27:22
“Vervloekt is eenieder die gemeenschap heeft met zijn zuster of zijn halfzuster.” Dan antwoordt heel het volk: “Amen.”
Gerelateerd aan Leviticus 18:9
Ezechiel 22:11
De een heeft met de vrouw van een ander geslapen, een tweede zijn schoondochter met ontucht bezoedeld, een volgende heeft zijn zuster, de dochter van zijn vader, verkracht.
Gerelateerd aan Leviticus 18:9
Leviticus 18:11
Heb geen gemeenschap met de dochter van een vrouw van je vader die door je vader verwekt is; zij is je zuster en je mag geen gemeenschap met haar hebben.
1
2