Gerelateerd aan Leviticus 14:4
Gerelateerd aan Leviticus 14:4
Numeri 19:6
De priester neemt cederhout, majoraan en karmozijn, en gooit dat midden in het vuur waarin de koe verbrand wordt.
Gerelateerd aan Leviticus 14:4
Leviticus 14:6
De andere, levende vogel moet hij, net als het cederhout, het karmozijn en de majoraan, in het bloed van de boven het bronwater geslachte vogel dopen,
Gerelateerd aan Leviticus 14:4
Exodus 12:22
Laat ieder daarna een bos majoraantakken nemen, die in de schaal met bloed dopen en het bloed aan de bovendorpel en aan de beide deurposten strijken. Ga dan tot de morgen de deur niet uit,
Gerelateerd aan Leviticus 14:4
Psalmen 51:7
(51:9) Neem met majoraan mijn zonden weg en ik word rein, was mij en ik word witter dan sneeuw.
Gerelateerd aan Leviticus 14:4
Hebreeën 9:19
Want nadat Mozes alle voorschriften van de wet aan heel het volk had voorgelezen, nam hij het bloed van jonge stieren en bokken, water, karmozijnrode wol en majoraan, en besprenkelde zowel het boek zelf als heel het volk,
Gerelateerd aan Leviticus 14:4
Leviticus 12:8
Als ze zich geen ram kan veroorloven, moet ze twee tortelduiven meebrengen of twee jonge gewone duiven, ‚‚n als brandoffer en ‚‚n als reinigingsoffer. De priester voltrekt voor haar de verzoeningsrite en zij is weer rein."'
Gerelateerd aan Leviticus 14:4
Leviticus 14:49
Om het huis van zonde te reinigen, moet hij twee vogels laten brengen, en cederhout, karmozijn en majoraan.
Gerelateerd aan Leviticus 14:4
Leviticus 5:7
Wie zich geen schaap of geit kan veroorloven, moet als genoegdoening twee tortelduiven of twee jonge gewone duiven aan de HEER offeren, ‚‚n als reinigingsoffer en ‚‚n als brandoffer.
Gerelateerd aan Leviticus 14:4
Leviticus 1:14
Wie een vogel als brandoffer aan de HEER aanbiedt, moet een tortelduif of een jonge gewone duif nemen.
Gerelateerd aan Leviticus 14:4
Numeri 19:18
Iemand die rein is moet dan een majoraantak nemen, die in het water dopen en daarmee de tent, alle vaten en de mensen die in de tent geweest zijn besprenkelen. Hetzelfde moet gebeuren met degene die beenderen, het lijk van iemand die gedood of gestorven is, of een graf heeft aangeraakt.