Gerelateerd aan Klaagliederen 4:4
Gerelateerd aan Klaagliederen 4:4
Psalmen 22:15
(22:16) Mijn kracht is droog als een potscherf, mijn tong kleeft aan mijn gehemelte, u legt mij neer in het stof van de dood.
Gerelateerd aan Klaagliederen 4:4
Klaagliederen 2:11
Mijn ogen zijn door tranen verteerd, mijn ingewanden staan in brand, mijn maag keert zich om-vanwege de wonden van mijn volk, omdat kind en zuigeling versmachten op de pleinen van de stad.
Gerelateerd aan Klaagliederen 4:4
Psalmen 137:6
Laat mijn tong aan mijn gehemelte kleven als ik niet meer denk aan jou, als ik Jeruzalem niet stel boven alles wat mij verheugt.
Gerelateerd aan Klaagliederen 4:4
Deuteronomium 32:24
Honger zal hen uitmergelen, de pest hen verteren, ziekten zullen hen te gronde richten. Ik geef hen ten prooi aan wilde dieren, giftige slangen laat ik hen bijten.
Gerelateerd aan Klaagliederen 4:4
Mattheüs 7:9
Is er iemand onder jullie die zijn kind, als het om een brood vraagt, een steen zou geven?
Gerelateerd aan Klaagliederen 4:4
Klaagliederen 1:11
Alle inwoners zuchten en steunen, op zoek naar wat brood, ze ruilen hun kostbaarheden voor voedsel, om weer levenskracht te krijgen. -HEER, zie mij, merk toch op hoezeer ik word veracht.