Gerelateerd aan Klaagliederen 3:39
Gerelateerd aan Klaagliederen 3:39
Micha 7:9
De toorn van de HEER zal ik dragen- ik weet, ik heb tegen hem gezondigd-tot hij voor mij heeft gepleit, mij recht heeft verschaft. Hij zal me naar het licht voeren en ik zal zijn gerechtigheid aanschouwen.
Gerelateerd aan Klaagliederen 3:39
Spreuken 19:3
Dwaasheid brengt een mens op de verkeerde weg, dan keert hij zich verbitterd tegen de HEER.
Gerelateerd aan Klaagliederen 3:39
Numeri 11:11
Hij vroeg de HEER: 'Waarom doet u uw dienaar dit aan? Bent u mij zo weinig genegen, dat u mij de last van heel dit volk te dragen geeft?
Gerelateerd aan Klaagliederen 3:39
Ezra 9:13
Na alles wat ons is overkomen vanwege onze slechte daden, vanwege onze grote schuld, nu u, onze God, ons minder hebt gestraft dan wij verdienden en u er zelfs voor gezorgd hebt dat er zovelen van ons overgebleven zijn-
Gerelateerd aan Klaagliederen 3:39
Jeremia 30:15
Wat klaag je nu over je letsel, je dodelijke wonden? Om je vele wandaden, om je talloze zonden heb ik je dit aangedaan.
Gerelateerd aan Klaagliederen 3:39
Job 11:6
om de geheimen van zijn wijsheid te onthullen- want ondoorgrondelijk zijn zijn werken-, dan zou je weten: God rekent je niet al je zonden aan.
Gerelateerd aan Klaagliederen 3:39
Hebreeën 12:5
Kennelijk bent u de bemoediging vergeten die tot u als tot kinderen wordt gericht: ‘Mijn zoon, je mag een vermaning van de Heer nooit terzijde schuiven en nooit opgeven als je door hem terechtgewezen wordt,
Gerelateerd aan Klaagliederen 3:39
Jona 4:8
En toen de zon opkwam, liet God een verzengende wind uit het oosten waaien; de zon brandde zo op Jona's hoofd dat hij door de hitte werd bevangen. Hij bad om te mogen sterven: 'Ik ben liever dood dan dat ik zo verder moet leven.'
Gerelateerd aan Klaagliederen 3:39
Genesis 4:5
maar voor Kaïn en zijn offer had hij geen oog. Dat maakte Kaïn woedend, zijn blik werd donker.
Gerelateerd aan Klaagliederen 3:39
2 Koningen 3:13
maar Elisa zei tegen de koning van Israël: 'Wat wilt u van mij? Gaat u maar naar de profeten van uw vader en moeder.' 'Nee, 'zei Joram, 'want het is de HEER die deze drie koningen bijeen heeft gebracht om ze aan Moab uit te leveren.'
Gerelateerd aan Klaagliederen 3:39
Genesis 4:13
Kaïn zei tegen de HEER: ‘Die straf is te zwaar.
Gerelateerd aan Klaagliederen 3:39
Numeri 16:41
(17:6) De volgende dag echter beklaagden alle Israëlieten zich bij Mozes en Aäron. 'U hebt het volk van de HEER gedood, 'zeiden ze.
Gerelateerd aan Klaagliederen 3:39
Numeri 17:12
(17:27) De Israëlieten zeiden tegen Mozes: 'We komen om, het is met ons gedaan, het is met ons allemaal gedaan.
Gerelateerd aan Klaagliederen 3:39
Jozua 7:6
Jozua en de oudsten van Israël scheurden hun kleren, wierpen zich voor de ark van de HEER ter aarde en gooiden stof over hun hoofd. Zo bleven ze tot de avond liggen.
Gerelateerd aan Klaagliederen 3:39
Leviticus 26:41
-juist daarom zal ik van mijn kant tegen hen in gaan en hen verdrijven naar het land van hun vijanden-, wanneer ze dus hun koppigheid laten varen en zich verootmoedigen en voor hun schuld boeten,
Gerelateerd aan Klaagliederen 3:39
Jona 2:3
(2:4) U slingerde mij de diepte in, naar het hart van de zee. Door kolkend water ben ik omgeven, zwaar slaan uw golven over mij heen.
Gerelateerd aan Klaagliederen 3:39
2 Samuel 6:7
De HEER ontstak in woede tegen Uzza en strafte hem ter plekke voor zijn onachtzaamheid, zodat hij op slag dood was.
Gerelateerd aan Klaagliederen 3:39
Jesaja 38:17
Zo heeft mijn bittere lot mij vrede gebracht. U hebt mij behoed voor het zinloze graf, u hebt mijn zonden weggedaan.
Gerelateerd aan Klaagliederen 3:39
2 Koningen 6:32
Elisa was thuis, en de oudsten waren bij hem. De koning stuurde een bode naar hem toe, maar nog voor deze aankwam zei Elisa tegen de oudsten: 'Weet u wel dat die moordenaarszoon iemand heeft gestuurd om mij te onthoofden? Sluit de deur zodra de bode van de koning eraan komt, houd hem tegen. Hoor, volgt zijn meester hem niet op de voet?'
Gerelateerd aan Klaagliederen 3:39
Leviticus 26:43
Wanneer het land eenmaal door hen verlaten is, kan het tijdens hun afwezigheid braak liggen ter vergoeding van de sabbatsjaren, en intussen boeten zij ervoor dat ze mijn regels naast zich neergelegd hebben en mijn bepalingen hebben geminacht.
1
2