Gerelateerd aan Jozua 8:14
Gerelateerd aan Jozua 8:14
Prediker 9:12
Nooit weet de mens wanneer zijn tijd gekomen is: zoals de vissen verraderlijk worden gevangen door de fuik en de vogels door de val, zo wordt de mens verrast door de verraderlijke tijd, wanneer die als een klapnet op hem valt.
Gerelateerd aan Jozua 8:14
Deuteronomium 1:1
Dit is de toespraak die Mozes tot heel Israël heeft gehouden in de dorre vlakte aan de overkant van de Jordaan, ter hoogte van Suf, tussen Paran aan de ene kant en Tofel, Laban, Chaserot en Di-Zahab aan de andere.
Gerelateerd aan Jozua 8:14
1 Thessalonicensen 5:1
Broeders en zusters, ik hoef u niet te schrijven over het moment waarop dit zal gebeuren,
Gerelateerd aan Jozua 8:14
2 Petrus 2:3
Gedreven door hebzucht zullen ze u bedriegen met misleidende verhalen, maar hun vonnis is allang geveld, hun ondergang laat niet op zich wachten.
Gerelateerd aan Jozua 8:14
Mattheüs 24:39
en zoals men niet wist dat de vloed zou komen, totdat die kwam en iedereen wegnam, zo zal het ook zijn wanneer de Mensenzoon komt.
Gerelateerd aan Jozua 8:14
Jesaja 19:11
De vorsten van Soan tonen louter onverstand, farao’s wijste raadsheren geven dwaze raad. Hoe kun je tegen de farao zeggen: ‘Een kind van wijzen ben ik, een kind van de koningen van weleer’?
Gerelateerd aan Jozua 8:14
Jozua 8:16
en de inwoners van Ai zweepten elkaar op om hen na te jagen, maar door achter hen aan te gaan werden ze van de stad weggelokt.
Gerelateerd aan Jozua 8:14
Jesaja 19:13
De vorsten van Soan zijn verdwaasd, de vorsten van Memfis laten zich bedriegen. Zij die Egypte moesten leiden brachten zijn stammen op een dwaalspoor.
Gerelateerd aan Jozua 8:14
Daniel 4:31
(4:28) De koning had deze woorden nog niet gesproken, of er klonk een stem uit de hemel: 'Dit wordt u aangekondigd, koning Nebukadnessar: Het koningschap is u ontnomen.
Gerelateerd aan Jozua 8:14
Mattheüs 24:50
Dan zal de heer van die dienaar komen op een dag waarop hij het niet verwacht en op een tijdstip dat hij niet kent,
Gerelateerd aan Jozua 8:14
Jozua 8:5
Wanneer ik met het leger de stad nader, zullen ze net als de vorige keer op ons afkomen. Dan slaan we voor hen op de vlucht.
Gerelateerd aan Jozua 8:14
Richteren 20:34
en rukten op naar de stad: tienduizend van de beste Israëlitische krijgslieden. Bij Baäl-Tamar brandde de strijd nu in alle hevigheid los; de Benjaminieten wisten nog niet welk onheil hun boven het hoofd hing.