Gerelateerd aan Jozua 18:21
Gerelateerd aan Jozua 18:21
Jozua 18:12
De noordgrens begon bij de Jordaan. Hij ging langs de noordkant van de heuvelrug bij Jericho omhoog, liep door de bergen naar het westen en kwam uit bij de woestijn van Bet-Awen.
Gerelateerd aan Jozua 18:21
Jozua 6:1
Jericho was toen al volkomen afgegrendeld uit angst voor de Israëlieten, er kon niemand in of uit.
Gerelateerd aan Jozua 18:21
Lukas 19:1
Jezus ging Jericho in en trok door de stad.
Gerelateerd aan Jozua 18:21
Jozua 15:6
Hij liep naar Bet-Chogla, passeerde Bet-Araba aan de noordkant en ging omhoog in de richting van de rots van Bohan. (Bohan was een nakomeling van Ruben.)
Gerelateerd aan Jozua 18:21
Jozua 18:19
liep langs de noordkant van de heuvelrug die bij Bet-Chogla ligt en ging daarna in zuidelijke richting verder tot aan de monding van de Jordaan. Daar, bij de noordkant van de Zoutzee, eindigde hij. Zo liep de zuidgrens van de stam Benjamin.
Gerelateerd aan Jozua 18:21
Lukas 10:30
Toen vertelde Jezus hem het volgende: ‘Er was eens iemand die van Jeruzalem naar Jericho reisde en onderweg werd overvallen door rovers, die hem zijn kleren uittrokken, hem mishandelden en hem daarna halfdood achterlieten.
Gerelateerd aan Jozua 18:21
Jozua 2:1
Hierna stuurde Jozua, de zoon van Nun, er vanuit Sittim in het geheim twee spionnen op uit. Hij gaf hun de opdracht: 'Verken het hele gebied, maar vooral Jericho.' De mannen vertrokken. Toen ze in Jericho waren gekomen, vonden ze onderdak bij een hoer, Rachab genaamd, bij wie ze wilden overnachten.