Gerelateerd aan Jona 4:7-10

Gerelateerd aan Jona 4:7

Joel 1:12

De wijnstok is verdroogd, de vijgenboom verdord; granaatappel, dadelpalm en appelboom, ja, alle bomen zijn verdord. Verdord is ook de vreugde onder de mensen.
Gerelateerd aan Jona 4:7

Jesaja 40:6

Hoor, een stem zegt: ‘Roep!’ En een stem antwoordt: ‘Wat zou ik roepen? De mens is als gras, hij bloeit als een veldbloem.
Gerelateerd aan Jona 4:7

Psalmen 30:6

(30:7) In mijn overmoed dacht ik: Nooit zal ik wankelen.
Gerelateerd aan Jona 4:7

Psalmen 90:5

U vaagt ons weg als slaap in de morgen, als opschietend gras
Gerelateerd aan Jona 4:7

Psalmen 102:10

(102:11) want uw toorn is tegen mij ontbrand, u tilde mij op en smeet mij neer.
Gerelateerd aan Jona 4:7

Job 1:21

En hij zei: 'Naakt ben ik uit de schoot van mijn moeder gekomen en naakt zal ik in haar schoot terugkeren. De HEER heeft gegeven, de HEER heeft genomen, de naam van de HEER zij geprezen.'
Gerelateerd aan Jona 4:8

Psalmen 121:6

overdag kan de zon je niet steken, bij nacht de maan je niet schaden.
Gerelateerd aan Jona 4:8

Jona 4:3

Laat mij maar sterven, HEER: ik ben liever dood dan dat ik zo verder moet leven.'
Gerelateerd aan Jona 4:8

Jesaja 49:10

Ze zullen dorst noch honger lijden, de zinderende hitte zal hen niet kwellen en de zon zal hen niet steken, want hij die zich over hen ontfermt, zal hen leiden en hen naar waterbronnen voeren.
Gerelateerd aan Jona 4:8

Openbaring 3:19

Iedereen die ik liefheb wijs ik terecht en bestraf ik. Zet u dus volledig in en breek met het leven dat u nu leidt.
Gerelateerd aan Jona 4:8

Ezechiel 19:12

Toen werd de wijnstok in woede uitgerukt en op de aarde neergeworpen; de oostenwind verschroeide zijn druiven, zijn takken werden afgerukt en verdroogden, de sterkste werd door het vuur verteerd.
Gerelateerd aan Jona 4:8

Job 2:10

Maar Job zei tegen haar: 'Je woorden zijn de woorden van een dwaas. Al het goede aanvaarden we van God, zouden we dan het kwade niet aanvaarden?' Ondanks alles zondigde Job niet en sprak hij geen onvertogen woord.
Gerelateerd aan Jona 4:8

Jona 1:17

(2:1) De HEER liet Jona opslokken door een grote vis. Drie dagen en drie nachten zat Jona in de buik van de vis.
Gerelateerd aan Jona 4:8

Psalmen 39:9

(39:10) Ik zei niets, opende mijn mond niet, want u was het die mij dit alles aandeed.
Gerelateerd aan Jona 4:8

2 Samuel 15:25

De koning zei tegen Sadok: 'Breng de ark van God terug naar de stad. Als de HEER me gunstig gezind is, zal hij zorgen dat ik terugkeer en de ark terugzie op zijn eigen plaats.
Gerelateerd aan Jona 4:8

Leviticus 10:3

Mozes zei tegen Aäron: 'Dit bedoelde de HEER toen hij zei: "Door degenen die in mijn nabijheid verkeren, toon ik mijn heiligheid. Het hele volk maak ik getuige van mijn majesteit."' Aäron zweeg.
Gerelateerd aan Jona 4:8

Openbaring 7:16

Dan zullen ze geen honger meer lijden en geen dorst, de zon zal hen niet meer steken, de hitte hen niet bevangen.
Gerelateerd aan Jona 4:8

Hooglied 1:6

Kijk niet op mij neer omdat ik donker ben, omdat de zon mij heeft gebrand. Mijn moeders zonen waren hard voor mij: ik moest hun wijngaarden bewaken. Mijn eigen wijngaard heb ik niet bewaakt.
Gerelateerd aan Jona 4:8

1 Samuel 3:18

Zonder iets achter te houden vertelde Samuël hem alles wat hij had gehoord, en Eli zei: 'Hij is de HEER. Laat hij doen wat hij het beste vindt.'
Gerelateerd aan Jona 4:8

Jona 4:6

Nu liet God, de HEER, een wonderboom opschieten om Jona schaduw boven zijn hoofd te geven en zijn ergernis te verdrijven. Jona was opgetogen over de plant.
1
2
Volgende