Gerelateerd aan Job 36:21
Gerelateerd aan Job 36:21
Psalmen 66:18
Had ik kwaad in mijn hart gevonden, de Heer had mij niet gehoord.
Gerelateerd aan Job 36:21
Hebreeën 11:25
Liever werd hij even slecht behandeld als het volk van God dan dat hij vluchtig voordeel had bij de zonde;
Gerelateerd aan Job 36:21
1 Petrus 3:17
Het is beter te lijden, indien God dat wil, omdat men goed doet dan omdat men kwaad doet.
Gerelateerd aan Job 36:21
Ezechiel 14:4
Zeg tegen hen: "Dit zegt God, de HEER: Elke Israëliet die bij een profeet komt en intussen zijn afgoden koestert en niets anders voor ogen heeft dan de zonde die hem ten val brengt, zal ik het antwoord geven dat hij met zijn afgoderij verdient.
Gerelateerd aan Job 36:21
Job 35:3
Je zegt: "Wat baat het u, God, wat heeft het voor nut als ik niet zondig?"
Gerelateerd aan Job 36:21
Job 34:7
Is er een tweede zoals Job, die zijn dorst met laster lest,
Gerelateerd aan Job 36:21
Daniel 3:16
Sadrach, Mesach en Abednego zeiden hierop tegen de koning: 'Wij vinden het niet nodig, Nebukadnessar, uw vraag te beantwoorden,
Gerelateerd aan Job 36:21
Mattheüs 13:21
Het schiet echter geen wortel in hen, oppervlakkig als ze zijn. Worden ze vanwege het woord beproefd of vervolgd, dan houden ze geen ogenblik stand.
Gerelateerd aan Job 36:21
1 Petrus 4:15
Laat niemand van u moeten lijden omdat hij een moordenaar is, een dief, misdadiger of onruststoker.
Gerelateerd aan Job 36:21
Mattheüs 16:24
Toen zei Jezus tegen zijn leerlingen: ‘Wie achter mij aan wil komen, moet zichzelf verloochenen, zijn kruis op zich nemen en mij volgen.
Gerelateerd aan Job 36:21
Handelingen 5:40
en riepen de apostelen weer binnen. Ze lieten hen geselen, bevalen hun de naam van Jezus niet meer te gebruiken en lieten hen vrij.
Gerelateerd aan Job 36:21
Mattheüs 5:29
Als je rechteroog je op de verkeerde weg brengt, ruk het dan uit en werp het weg. Je kunt immers beter een van je lichaamsdelen verliezen dan dat heel je lichaam in de Gehenna geworpen wordt.
Gerelateerd aan Job 36:21
Daniel 6:10
(6:11) Toen Daniël hoorde van het besluit dat op schrift gesteld was, ging hij naar zijn huis. In zijn bovenvertrek had hij in de richting van Jeruzalem open vensters. Daar knielde hij neer, bad tot zijn God en prees hem, precies zoals driemaal per dag zijn gewoonte was.