Gerelateerd aan Job 11:11

Gerelateerd aan Job 11:11

Hebreeën 4:13

Niets van wat geschapen is blijft voor hem verborgen, alles is onverhuld en volkomen zichtbaar voor de ogen van hem aan wie wij rekenschap moeten afleggen.
Gerelateerd aan Job 11:11

Openbaring 2:23

haar kinderen zal ik laten sterven aan een dodelijke ziekte. Laat elke gemeente beseffen dat ik het ben die hart en ziel van de mens doorgrondt en dat ik ieder van u zal belonen naar zijn daden.
Gerelateerd aan Job 11:11

Psalmen 10:14

Toch ziet u de pijn en het verdriet, u merkt het op en weegt het in uw hand. Op u vertrouwen weerloze mensen, de wezen, u komt hun te hulp.
Gerelateerd aan Job 11:11

Hosea 7:2

Het komt niet bij hen op dat ik al hun zonden onthoud; hun daden zullen hun opbreken, want ik zie ze voor mijn ogen gebeuren.
Gerelateerd aan Job 11:11

Jeremia 17:9

Niets is zo onbetrouwbaar als het hart, onverbeterlijk is het, wie zal het kennen?
Gerelateerd aan Job 11:11

Psalmen 35:22

U hebt het gezien, HEER, zwijg dan niet, mijn Heer, houd u niet ver van mij.
Gerelateerd aan Job 11:11

Job 22:13

Maar jij zegt: "Wat weet God? Kan hij oordelen door het donker heen?
Gerelateerd aan Job 11:11

Johannes 2:24

Maar Jezus had geen vertrouwen in hen, omdat hij hen allemaal kende,
Gerelateerd aan Job 11:11

Job 34:21

Want Gods oog is op de wegen van de mens gericht, geen van zijn stappen blijft voor hem verborgen.
Gerelateerd aan Job 11:11

Habakuk 1:13

Uw ogen zijn te zuiver om het kwaad te kunnen aanzien, de ellende te kunnen verdragen. Waarom dan verdraagt u deze trouwelozen, zwijgt u, nu de wetteloze verslindt wie rechtvaardiger is dan hij?
Gerelateerd aan Job 11:11

Psalmen 10:11

Hij denkt bij zichzelf: God vergeet het, wendt zijn blik af, ziet het niet.
Gerelateerd aan Job 11:11

Psalmen 94:11

De HEER kent de mensen, niet meer dan lucht zijn hun gedachten.
Gerelateerd aan Job 11:11

Prediker 5:8

(5:7) Wanneer je ziet dat in het land de armen worden onderdrukt en het recht en de rechtvaardigheid geschonden, wees dan niet verbaasd. Want een hoge ambtenaar wordt door een hogere beschermd, en zij beiden weer door ambtenaren die nog hoger zijn.