Gerelateerd aan Jesaja 8:21
Gerelateerd aan Jesaja 8:21
Jesaja 9:20
(9:19) men bijt naar rechts, maar de honger blijft, men hapt naar links, maar raakt niet verzadigd, zelfs het vlees van hun verwanten eten zij.
Gerelateerd aan Jesaja 8:21
Spreuken 19:3
Dwaasheid brengt een mens op de verkeerde weg, dan keert hij zich verbitterd tegen de HEER.
Gerelateerd aan Jesaja 8:21
Klaagliederen 4:9
Beter te vallen door het zwaard dan te sterven door de honger: verstoken van alles wat het land voortbrengt, kwijnt men weg en bezwijkt.
Gerelateerd aan Jesaja 8:21
Deuteronomium 28:33
Een onbekend volk zal zich te goed doen aan alles wat uw land voortbrengt en waarvoor u zich hebt ingespannen. En u wordt mishandeld en uitgebuit, dag in dag uit.
Gerelateerd aan Jesaja 8:21
Job 2:9
Zijn vrouw zei tegen hem: 'Waarom blijf je zo onberispelijk? Vervloek God toch en sterf.'
Gerelateerd aan Jesaja 8:21
Job 1:11
Maar als u uw hand naar hem uitstrekt en aantast wat hem toebehoort, zal hij u ongetwijfeld in uw gezicht vervloeken.'
Gerelateerd aan Jesaja 8:21
Openbaring 16:9
De grote hitte verzengde de mensen en ze lasterden de naam van God, die macht heeft over deze plagen. Ze toonden geen berouw en bewezen hem geen eer.
Gerelateerd aan Jesaja 8:21
Jesaja 8:7
zal de Heer de koning van Assyrië en zijn geweldige legermacht over hen uitstorten als de grote watermassa’s van de Eufraat: ze zullen buiten hun oevers treden en over alles heen stromen.
Gerelateerd aan Jesaja 8:21
2 Koningen 6:33
Elisa was nog niet uitgesproken, of daar kwam de bode van de koning al aan. 'De HEER heeft deze ellende over ons gebracht, 'zei hij. 'Waarom zou ik mijn hoop dan nog op hem vestigen?'
Gerelateerd aan Jesaja 8:21
Job 2:5
Maar als u uw hand naar hem uitstrekt en zijn lichaam aantast, zal hij u ongetwijfeld in uw gezicht vervloeken.'
Gerelateerd aan Jesaja 8:21
2 Koningen 25:3
Op de negende dag van de maand-de hongersnood in de stad was ondraaglijk geworden, er was voor de bevolking niets meer te eten-
Gerelateerd aan Jesaja 8:21
Exodus 22:28
(22:27) Je mag God niet lasteren en je mag de leiders van je volk niet vervloeken.
Gerelateerd aan Jesaja 8:21
Jeremia 14:18
Als ik naar de akkers ga, zie ik ze liggen, geveld door het zwaard. Als ik de stad in ga, zie ik ze liggen, uitgeteerd door de honger. Zelfs profeten, zelfs priesters komen terecht in een onbekend land.’
Gerelateerd aan Jesaja 8:21
Deuteronomium 28:53
dat u de zonen en dochters die u van de HEER, uw God, hebt gekregen, zult eten-uw eigen vlees en bloed; tot zo grote wanhoop zal de vijand u tijdens het beleg drijven.
Gerelateerd aan Jesaja 8:21
Openbaring 9:20
Maar de andere mensen, die deze plagen overleefden, keerden zich niet af van hun zelfgemaakte goden. Ze bleven die goden aanbidden en de beelden van goud, zilver, brons, steen en hout, die niet kunnen horen of zien en zich niet kunnen verroeren.
Gerelateerd aan Jesaja 8:21
Jeremia 52:6
Op de negende dag van de vierde maand-de hongersnood in de stad was ondraaglijk geworden, er was voor de bevolking niets meer te eten-
Gerelateerd aan Jesaja 8:21
Klaagliederen 4:4
Dorst doet de tong van zuigelingen aan hun gehemelte kleven, kinderen bedelen om brood, maar niemand reikt het hun aan.