Gerelateerd aan Jesaja 50:1-2
Gerelateerd aan Jesaja 50:1
Deuteronomium 32:30
Want hoe zouden zij met één man duizend van jullie kunnen achtervolgen, met twee er tienduizend verjagen, als de HEER, jullie rots, je niet uitleverde?
Gerelateerd aan Jesaja 50:1
Jeremia 3:8
dat ik ontrouw Israël verstoten had en haar een scheidingsbrief gegeven had, juist omdat ze overspel had gepleegd. Maar toch liet afvallig Juda zich daardoor niet afschrikken, ze pleegde zelf ook overspel.
Gerelateerd aan Jesaja 50:1
2 Koningen 4:1
Op een keer riep de vrouw van een van de profeten Elisa's hulp in: 'Mijn man, uw dienaar, die zoals u weet altijd groot ontzag had voor de HEER, is gestorven. Nu zal mijn schuldeiser komen en mijn twee kinderen als slaven meenemen.'
Gerelateerd aan Jesaja 50:1
Nehemia 5:5
En nu onze akkers en wijngaarden in het bezit van anderen zijn, moeten we onze zonen en dochters als slaaf verkopen. Sommige van onze dochters zijn al slavin. Wij staan machteloos! Maar we zijn toch van hetzelfde vlees en bloed als onze volksgenoten, onze kinderen zijn toch niet minder dan die van hen!'
Gerelateerd aan Jesaja 50:1
Mattheüs 18:25
Omdat hij niets kon terugbetalen, gaf zijn heer bevel dat de man samen met zijn vrouw en kinderen en alles wat hij bezat verkocht moest worden, zodat de schuld kon worden ingelost.
Gerelateerd aan Jesaja 50:1
Jesaja 52:3
Want dit zegt de HEER: Voor niets zijn jullie verkocht, zonder geld koop ik jullie weer vrij.
Gerelateerd aan Jesaja 50:1
Psalmen 44:12
(44:13) u hebt uw volk van de hand gedaan, veel bracht de verkoop u niet op.
Gerelateerd aan Jesaja 50:1
Markus 10:4
Ze zeiden: ‘Mozes heeft de man toegestaan een scheidingsbrief te schrijven en haar te verstoten.’
Gerelateerd aan Jesaja 50:1
Exodus 21:7
Wanneer iemand zijn dochter als slavin verkoopt, kan zij niet vrijkomen zoals de mannelijke slaven.
Gerelateerd aan Jesaja 50:1
Esther 7:4
Want we zijn verkocht, mijn volk en ik, om gedood te worden en volledig te worden uitgeroeid. Als we waren verkocht als slaven en slavinnen, dan zou ik hebben gezwegen, want zo'n ramp zou de belangen van de koning niet schaden.'
Gerelateerd aan Jesaja 50:1
1 Koningen 21:25
(Inderdaad, niemand heeft zich er meer dan Achab op toegelegd te doen wat slecht is in de ogen van de HEER. En het was zijn vrouw Izebel die hem daartoe aanzette.
Gerelateerd aan Jesaja 50:1
Jesaja 59:1
De arm van de HEER is niet te kort om te redden, zijn gehoor niet te zwak om te luisteren-
Gerelateerd aan Jesaja 50:1
Hosea 2:2
(2:4) Klaag jullie moeder aan! Klaag haar aan! Want zij is mijn vrouw niet meer en ik ben haar man niet meer. Laat ze die hoerige opschik wegdoen van haar gezicht, de tekens van overspel tussen haar borsten weghalen.
Gerelateerd aan Jesaja 50:1
2 Koningen 17:17
Ze verbrandden hun zonen en dochters als offer, deden aan waarzeggerij en probeerden voortekens te lezen. Zo tergden ze de HEER door zich erop toe te leggen te doen wat slecht is in zijn ogen.
Gerelateerd aan Jesaja 50:1
Deuteronomium 24:1
Het volgende kan zich voordoen: Iemand heeft een vrouw getrouwd, maar om een of andere reden is hij ontevreden over haar. Hij schrijft een scheidingsbrief, die hij bij haar vertrek aan haar meegeeft.
Gerelateerd aan Jesaja 50:1
Jeremia 3:1
De HEER sprak: ‘Als een man van zijn vrouw scheidt en zij bij hem weggaat en de vrouw van een ander wordt, kan hij haar dan terugnemen? Wordt er dan geen smet op het land geworpen? Maar jij hebt met talloze minnaars overspel gepleegd, en je wilt toch weer bij me terugkomen? -spreekt de HEER.
Gerelateerd aan Jesaja 50:1
Jeremia 4:18
Je wangedrag heeft dit teweeggebracht. Het bittere kwaad dat je deed, zette zich vast in je hart.’
Gerelateerd aan Jesaja 50:1
Leviticus 25:39
Wanneer een van jullie tot armoede vervalt en zichzelf aan jou verpandt, mag je hem niet als slaaf behandelen.
Gerelateerd aan Jesaja 50:2
Jesaja 59:1
De arm van de HEER is niet te kort om te redden, zijn gehoor niet te zwak om te luisteren-
Gerelateerd aan Jesaja 50:2
Numeri 11:23
Maar de HEER antwoordde: 'Schiet de macht van de HEER soms tekort? Je zult spoedig zien of ik mijn belofte nakom.'
1
2
3