Gerelateerd aan Jesaja 13:19

Gerelateerd aan Jesaja 13:19

Genesis 19:24

Toen liet de HEER uit de hemel zwavel en vuur neerkomen op Sodom en Gomorra
Gerelateerd aan Jesaja 13:19

Daniel 4:30

(4:27) zei hij: 'Is Babel niet indrukwekkend, de koningsstad die ik door mijn grote macht heb gebouwd tot eer van mijn majesteit?'
Gerelateerd aan Jesaja 13:19

Jeremia 50:40

Ik heb Sodom, Gomorra en de naburige steden verwoest, ik liet daar niemand meer wonen- spreekt de HEER. Zo zal er niemand meer wonen in Babel, geen mens zal er nog verblijven.
Gerelateerd aan Jesaja 13:19

Jeremia 49:18

Het wordt volkomen verwoest-zegt de HEER -zoals Sodom en Gomorra en de naburige steden werden verwoest. Niemand zal in Edom wonen, mensen zullen er niet meer verblijven.
Gerelateerd aan Jesaja 13:19

Deuteronomium 29:23

(29:22) heel de bodem door zwavel en zout vergiftigd, zodat zaaien geen zin meer heeft en er helemaal niets meer wil groeien, net zoals toen de HEER in zijn grote woede Sodom en Gomorra, Adma en Seboïm weggevaagd had-,
Gerelateerd aan Jesaja 13:19

Jeremia 51:41

Ach, nu is Sesach veroverd, nu is het sieraad van de hele aarde ingenomen, nu is Babel een schrikbeeld voor elk volk.
Gerelateerd aan Jesaja 13:19

Jesaja 14:4

En jullie zullen het volgende spotlied op de koning van Babylonië aanheffen: ‘Het is gedaan met die slavendrijver, gedaan met zijn dwingelandij.
Gerelateerd aan Jesaja 13:19

Amos 4:11

Ik vernietigde jullie, zoals ik Sodom en Gomorra vernietigd heb; jullie werden als een stuk zwartgeblakerd hout dat uit de vlammen is weggerukt: maar jullie zijn niet naar mij teruggekeerd-spreekt de HEER .
Gerelateerd aan Jesaja 13:19

Jesaja 14:12

O morgenster, zoon van de dageraad, hoe diep ben je uit de hemel gevallen. Overwinnaar van alle volken, hoe smadelijk lig je daar geveld.
Gerelateerd aan Jesaja 13:19

Daniel 2:37

U, majesteit, koning der koningen, aan wie de God van de hemel het koningschap, en macht, kracht en eer heeft verleend,
Gerelateerd aan Jesaja 13:19

Zefanja 2:9

Daarom, zo waar ik leef-spreekt de HEER van de hemelse machten, de God van Israël-zal Moab worden als Sodom en Ammon als Gomorra: een distelveld, een zoutput, voor altijd een woestenij. Wat er nog over is van mijn volk zal ze plunderen, wat er van mijn natie nog rest zal ze in bezit nemen.