Gerelateerd aan Jeremia 52:27

Gerelateerd aan Jeremia 52:27

Ezechiel 8:11

Zeventig oudsten van het volk van Israël, met in hun midden Jaäzanja, de zoon van Safan, stonden ervoor, ieder met zijn wierookschaal in de hand, en er steeg een wolk van wierook op.
Gerelateerd aan Jeremia 52:27

Ezechiel 33:28

Van jullie land maak ik een verlaten woestenij, er komt een einde aan zijn trotse kracht, en ook de bergen van Israël zullen een wildernis zijn waar niemand meer doorheen trekt.
Gerelateerd aan Jeremia 52:27

Jeremia 25:9

zal ik alle volken van het noorden met mijn dienaar, koning Nebukadnessar van Babylonië, ontbieden-spreekt de HEER. Ik stuur ze op de inwoners van dit land af en op alle omringende volken. Ik breng alle inwoners om; ze zullen afschuw en ontzetting wekken, en dit land zal voor altijd in puin liggen.
Gerelateerd aan Jeremia 52:27

Jesaja 6:11

Ik vroeg: ‘Hoe lang, Heer?’ Hij antwoordde: ‘Totdat de steden en huizen geheel verlaten zijn en er geen mens meer woont, tot heel het land verwoest is, één grote woestenij.
Gerelateerd aan Jeremia 52:27

Jesaja 27:10

Daar ligt de versterkte stad, eenzaam, ontvolkt, verlaten als de woestijn. Kalveren weiden en rusten er, ze vreten de takken kaal;
Gerelateerd aan Jeremia 52:27

Jesaja 32:13

Dorens en distels overwoekeren het land van mijn volk, elk huis waar vreugde heerst en elke stad vol feestgedruis.
Gerelateerd aan Jeremia 52:27

Micha 4:10

Krimp ineen en schreeuw het uit, vrouwe Sion, krimp ineen als een vrouw die baren moet. Je zult de stad moeten verlaten en gaan leven op het veld. Je zult naar Babel gaan, en daar zul je worden bevrijd, uit de handen van je vijanden worden vrijgekocht door de HEER.
Gerelateerd aan Jeremia 52:27

Deuteronomium 28:64

want de HEER zal u uiteenjagen en onder alle volken verstrooien, tot in de verste uithoeken van de aarde. Daar zult u andere goden vereren, goden die u nog niet kende en ook uw voorouders niet, goden van hout en van steen.
Gerelateerd aan Jeremia 52:27

2 Samuel 8:9

Toen koning Toï van Hamat hoorde dat David het leger van Hadadezer had verslagen,
Gerelateerd aan Jeremia 52:27

Deuteronomium 4:26

ik roep vandaag de hemel en de aarde op als getuigen tegen u, dat u dan spoedig zult worden verdreven uit het land aan de overkant van de Jordaan, dat u in bezit zult nemen. Daar zal u dan geen lang leven beschoren zijn, integendeel, u zult worden weggevaagd.
Gerelateerd aan Jeremia 52:27

2 Koningen 25:20

Deze personen werden door Nebuzaradan gevangengenomen en naar Ribla overgebracht, naar de koning van Babylonië.
Gerelateerd aan Jeremia 52:27

Jesaja 24:3

De aarde wordt geheel verwoest en volkomen leeggeplunderd- want de HEER heeft aldus gesproken.
Gerelateerd aan Jeremia 52:27

Deuteronomium 28:36

De HEER zal u, met de koning die u hebt aangesteld, laten wegvoeren naar een land dat u vreemd is en dat ook uw voorouders onbekend was. Daar zult u andere goden vereren, goden van hout en van steen.
Gerelateerd aan Jeremia 52:27

Jeremia 39:10

Slechts een deel van de armsten van het volk, die niets bezaten, liet Nebuzaradan in Juda achter. Aan hen gaf hij de wijngaarden en de akkers.
Gerelateerd aan Jeremia 52:27

Jeremia 52:9

en de koning zelf namen ze gevangen. Ze brachten hem naar Ribla in Hamat, naar de koning van Babylonië, en die berechtte hem.
Gerelateerd aan Jeremia 52:27

2 Koningen 23:27

Hij zei: 'Zoals ik Israël verstoten heb, zo zal ik ook Juda verstoten. En Jeruzalem, de stad die ik had uitverkozen, zal ik verwerpen, evenals de tempel waarvan ik heb gezegd dat daar mijn naam zou wonen.'
Gerelateerd aan Jeremia 52:27

Jeremia 24:9

Ik maak hen tot een afschrikwekkend voorbeeld voor alle koninkrijken op aarde. Ze zullen te schande staan en het mikpunt zijn van hoon en spot, hun namen zullen als een vloek worden gebruikt, overal waarheen ik hen verdrijf.
Gerelateerd aan Jeremia 52:27

Ezechiel 11:1

De geest tilde me weer op en bracht me naar de oostelijke poort van de tempel van de HEER. Daar zag ik vijfentwintig mannen staan, met in hun midden Jaäzanja, de zoon van Azzur, en Pelatja, de zoon van Benaja, twee leiders van het volk.
Gerelateerd aan Jeremia 52:27

Jeremia 6:13

Want iedereen, van groot tot klein, is op eigen voordeel uit; van profeet tot priester, ieder pleegt bedrog.
Gerelateerd aan Jeremia 52:27

Leviticus 26:33

En jullie zal ik onder vreemde volken verstrooien; je zult moeten vluchten voor het getrokken zwaard. Je land zal een woestenij zijn en je steden zullen in puin liggen.
1
2
Volgende