Gerelateerd aan Jeremia 49:34

Gerelateerd aan Jeremia 49:34

Jeremia 25:25

de koningen van Zimri, de koningen van Elam en de koningen van Medië;
Gerelateerd aan Jeremia 49:34

Genesis 10:22

Zonen van Sem: Elam, Assur, Arpachsad, Lud en Aram.
Gerelateerd aan Jeremia 49:34

Genesis 14:1

Toen Amrafel koning van Sinear was, Arjoch koning van Ellasar, Kedorlaomer koning van Elam en Tidal koning van Goïm,
Gerelateerd aan Jeremia 49:34

Daniel 8:2

In dat visioen-ik bevond me op dat moment in de burcht van Susa, in de provincie Elam-stond ik bij het Ulaikanaal.
Gerelateerd aan Jeremia 49:34

Jesaja 21:2

Een aangrijpend visioen heeft de HEER mij geopenbaard: de verrader pleegt verraad, de verwoester verwoest. Inwoners van Elam, val aan! Meden, sla het beleg! De HEER maakt aan het lijden van de verdrukten een eind.
Gerelateerd aan Jeremia 49:34

2 Koningen 24:17

Hij stelde Mattanja, een oom van Jojachin, in diens plaats als koning aan en veranderde zijn naam in Sedekia.
Gerelateerd aan Jeremia 49:34

Jesaja 11:11

Op die dag heft de Heer opnieuw zijn hand op om de overlevenden van zijn volk vrij te kopen uit Assyrië en Egypte, uit Patros, Nubië en Elam, uit Sinear en Hamat, en van de eilanden in zee.
Gerelateerd aan Jeremia 49:34

Ezra 4:9

'Van Rechum, het hoofd van de kanselarij, en van Simsai, de hofschrijver, en van hun overige ambtgenoten: rechters, afgezanten, ambtenaren, mannen uit Sippar, Uruk, Babel en Susa (dat zijn Elamieten),
Gerelateerd aan Jeremia 49:34

Handelingen 2:9

Parten, Meden en Elamieten, inwoners van Mesopotamië, Judea en Kappadocië, mensen uit Pontus en Asia,
Gerelateerd aan Jeremia 49:34

Ezechiel 32:24

Daar ligt Elam, met heel het volk rondom het graf van de koning, allemaal zijn ze gesneuveld, gevallen door het zwaard. Als onbesnedenen zijn ze afgedaald naar de onderwereld-eens zaaiden ze angst in het land van de levenden, nu moeten ze hun schande dragen met degenen die in het graf zijn afgedaald.