Gerelateerd aan Jeremia 48:3

Gerelateerd aan Jeremia 48:3

Jesaja 15:5

Mijn hart schreeuwt het uit om Moab. Zijn vluchtelingen komen tot aan Soar, tot Eglat-Selisia. Klacht op klacht klinkt op de weg omhoog naar Luchit, hun gejammer stijgt op van de weg naar Choronaïm.
Gerelateerd aan Jeremia 48:3

Jeremia 48:34

Chesbon jammert. Men hoort het in Elale. Tot aan Jahas klinkt zijn klagen, van Soar tot aan Choronaïm, tot aan Eglat-Selisia. Want zelfs de beek van Nimrim wordt een dorre geul.
Gerelateerd aan Jeremia 48:3

Jeremia 48:5

Klacht op klacht klinkt op de weg omhoog naar Luchit, overal gejammer op de weg omlaag naar Choronaïm.
Gerelateerd aan Jeremia 48:3

Jeremia 4:20

Ramp op ramp wordt gemeld, heel het land gaat te gronde. Plotseling zijn mijn tenten vernield, onverwacht mijn tentdoeken gescheurd.
Gerelateerd aan Jeremia 48:3

Jesaja 22:4

Daarom zeg ik: ‘Laat mij nu alleen. Bittere tranen zal ik wenen om de ondergang van mijn volk. Tracht niet langer mij te troosten.’
Gerelateerd aan Jeremia 48:3

Jesaja 15:2

Dibon trekt op naar de tempel en heft op de offerhoogten een weeklacht aan,Moab jammert over de Nebo en over Medeba. Ieder hoofd is kaalgeschoren, elke baard is afgeknipt.
Gerelateerd aan Jeremia 48:3

Jesaja 16:7

Daarom is Moab nu vol zelfbeklag, zijn gejammer klinkt in het hele land. Het treurt in grote verslagenheid om de rozijnenkoeken van Kir-Chareset.
Gerelateerd aan Jeremia 48:3

Jesaja 15:8

Hun weeklacht waart heel Moab rond: ‘Wee!’ klinkt het overal, van Eglaïm tot Beër-Elim.
Gerelateerd aan Jeremia 48:3

Jeremia 47:2

‘Dit zegt de HEER: Kijk! Het water zwelt aan uit het noorden, het wordt een allesverwoestende stortvloed. Het overstroomt het land en al wat er leeft, elke stad en allen die daar wonen. Alle mensen jammeren, de bevolking schreeuwt het uit.