Gerelateerd aan Jeremia 36:5-32
Gerelateerd aan Jeremia 36:5
Jeremia 32:2
De troepen van Nebukadnessar belegerden Jeruzalem en de profeet Jeremia zat gevangen in het kwartier van de wacht, dat tot het paleis van de koning van Juda behoorde.
Gerelateerd aan Jeremia 36:5
Jeremia 33:1
De HEER richtte zich voor de tweede maal tot Jeremia, die nog steeds in het kwartier van de paleiswacht gevangen zat:
Gerelateerd aan Jeremia 36:5
2 Korinthe 11:23
Zijn zij dienaren van Christus? Ik ben zo gek dat ik durf te zeggen: ik nog meer. Ik heb harder gezwoegd, heb vaker gevangen gezeten, heb veel meer lijfstraffen ondergaan, ben vaker in doodsgevaar geweest.
Gerelateerd aan Jeremia 36:5
Efeze 6:20
waarvan ik gezant ben, ook in de gevangenis. Bid dat ik daarbij zo vrijmoedig spreek als nodig is.
Gerelateerd aan Jeremia 36:5
2 Timotheüs 2:9
daarom heb ik veel te verduren en ben ik zelfs als een misdadiger gevangengezet. Maar het woord van God laat zich niet gevangenzetten;
Gerelateerd aan Jeremia 36:5
Jeremia 20:2
liet hij de profeet stokslagen geven en hem in de hoge Benjaminpoort bij de tempel in het blok sluiten.
Gerelateerd aan Jeremia 36:5
Hebreeën 11:36
Weer anderen kregen te maken met bespotting en geseling, zelfs met arrestatie en gevangenschap.
Gerelateerd aan Jeremia 36:5
Jeremia 37:15
Dezen werden woedend op Jeremia, lieten hem stokslagen geven en zetten hem achter slot en grendel in het huis van de schrijver Jonatan, waarvan een gevangenis was gemaakt.
Gerelateerd aan Jeremia 36:5
Jeremia 38:28
Jeremia bleef in het kwartier van de paleiswacht, tot de dag dat Jeruzalem werd ingenomen. Toen Jeruzalem ingenomen werd
Gerelateerd aan Jeremia 36:5
Jeremia 40:4
Maar uw boeien maak ik los. Als u met mij mee naar Babel wilt gaan, ga dan mee. Ik zal u in bescherming nemen. Maar als u liever niet met mij naar Babel wilt, doe het dan niet. Het hele land ligt voor u open; u kunt gaan en staan waar u wilt.’
Gerelateerd aan Jeremia 36:5
Jeremia 38:6
Ze brachten Jeremia naar de waterkelder van prins Malkia, in het kwartier van de paleiswacht, en lieten hem aan touwen zakken. In de put stond geen water meer; er was alleen modder, waarin Jeremia wegzakte.
Gerelateerd aan Jeremia 36:5
Efeze 3:1
Daarom is het dat ik, Paulus, gevangene omwille van Christus Jezus, voor u, heidenen, bid.
Gerelateerd aan Jeremia 36:6
Jeremia 36:8
Baruch, de zoon van Neria, deed wat de profeet Jeremia hem had opgedragen. In de tempel van de HEER las hij uit de boekrol voor wat de HEER had gezegd.
Gerelateerd aan Jeremia 36:6
Ezechiel 2:3
'Mensenkind, ik stuur jou naar de Israëlieten, naar dat weerspannige volk dat tegen mij in opstand is gekomen. Tot op de dag van vandaag verzetten ze zich tegen mij, zoals ook hun voorouders hebben gedaan.
Gerelateerd aan Jeremia 36:6
Leviticus 16:29
De volgende bepaling blijft voor jullie voor altijd van kracht: De tiende dag van de zevende maand moeten jullie in onthouding doorbrengen en je mag dan geen enkele bezigheid verrichten, geboren Israëlieten evenmin als de vreemdelingen die bij jullie wonen.
Gerelateerd aan Jeremia 36:6
Jeremia 18:11
Daarom, zeg tegen de inwoners van Juda en Jeruzalem: Dit zegt de HEER: Uit mijn hand komt onheil over jullie en ik beraam kwade plannen. Breek met je kwalijke praktijken, beter je leven.
Gerelateerd aan Jeremia 36:6
Jeremia 19:14
En Jeremia ging vanuit Tofet, waar de HEER hem naartoe gezonden had om te profeteren, naar de voorhof van de tempel en zei tegen de aanwezigen:
Gerelateerd aan Jeremia 36:6
Jeremia 7:2
‘Ga in de tempelpoort staan en verkondig deze boodschap: Luister naar de woorden van de HEER, Judeeërs; luister, jullie die door deze poorten naar binnen gaan om de HEER te vereren.
Gerelateerd aan Jeremia 36:6
Handelingen 27:9
Er was al geruime tijd verstreken en ook de tijd van het vasten was al voorbij, zodat het gevaarlijk werd om uit te varen. Daarom waarschuwde Paulus de bemanning als volgt:
Gerelateerd aan Jeremia 36:6
Leviticus 23:27
'Neem dit in acht: De tiende dag van de zevende maand is het Grote verzoendag, een dag die jullie als heilige dag samen moeten vieren. Jullie moeten die dag in onthouding doorbrengen en de HEER een offergave aanbieden.
1
2
3
4
5
6
7